Nieuwsbrief 2019-05

‚Äč
 

Special - Wat werkgevers vanaf 2020 al merken van het Pensioenakkoord

Het wetsvoorstel inzake de bevriezing van de AOW-leeftijd is op 17 juni 2019 openbaar geworden. Het is één van de vier in het Pensioenakkoord beloofde wijzigingen per 1 januari 2020 en 2021. Werkgevers doen er goed aan hier rekening mee te houden.
 

1. Oudere werknemers gaan sneller uit dienst wegens bevriezing van de AOW-leeftijd

Zonder het pensioenakkoord zou de AOW-leeftijd in 2021 al stijgen naar de 67-jarige leeftijd. Door een bevriezing in 2020 en 2021 wordt de AOW-leeftijd pas in 2024 67 jaar. Het effect voor werkgevers is dat vanaf 2020 meer werknemers zullen pensioneren dan tot voor kort verwacht. Meestal eindigt het dienstverband immers bij het bereiken van de AOW-leeftijd; hetzij door een pensioenontslagbeding of door opzegging. Is het de bedoeling op te zeggen tegen de AOW-leeftijd, dan moeten werkgevers tijdig de toepasselijke opzegtermijn in acht nemen.  


SITUATIE VOLGENS PENSIOENAKKOORD

Jaar waarin werknemer
AOW krijgt
Leeftijd waarop AOW-uitkering ingaat Geboortedatum werknemer
2020      66 jaar + 4 maanden na 31 augustus 1953 en voor 1 september 1954
2021 66 jaar + 4 maanden na 31 augustus 1954 en voor 1 september 1955
2022 66 jaar + 7 maanden na 31 augustus 1955 en voor 1 juni 1956
2023 66 jaar + 10 maanden na 31 mei 1956 en voor 1 maart 1957
2024 67 jaar na 28 februari 1957 en voor 1 januari 1958

HUIDIGE SITUATIE         
Jaar waarin werknemer AOW krijgt Leeftijd waarop AOW-uitkering ingaat Geboortedatum werknemer
2020 66 + 8 maanden na 31 augustus 1953 en voor 1 mei 1954
2021 67 na 30 april 1954 en voor 1 januari 1955
2022 67 + 3 maanden na 31 december 1954 en voor 1 oktober 1955
2023 67 + 3 maanden na 30 september 1955 en voor 1 oktober 1956

2. Drempelvrijstelling RVU
Er is en blijft 52% RVU-heffing – op aangifte en dus initiatief van de werkgever – verschuldigd ter zake regelingen voor oudere werknemers die ten doel hebben deze werknemers vervroegd uit te laten treden. Tussen 2021 en 2026 is echter een RVU-drempelvrijstelling van toepassing indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
  • de werknemer stopt hoogstens drie jaar voor de AOW-datum met werken; en
  • er is sprake van een vrijwillige vertrekregeling, voor zowel de werkgever als de werknemer.
Zowel de regeling als het bedrag van de drempelvrijstelling moeten nog exact worden vastgesteld. Den Haag houdt het bedrag voorlopig op ongeveer € 19.000 per volledig jaar (met het genoemde maximum van drie jaar) dat een werknemer eerder vertrekt dan de AOW-leeftijd. Van de regeling mag gebruik worden gemaakt ongeacht de vraag of er sprake is van een slijtend beroep. Overschrijdt de waarde van de regeling de drempel, dan is over het meerdere 52% RVU-heffing verschuldigd. Na 2025 komt de drempelvrijstelling weer te vervallen en moeten structurele maatregelen van de overheid en sociale partners vervroegd stoppen of langer doorwerken mogelijk gaan maken. Wij zijn benieuwd naar de effectiviteit van die structurele maatregelen en verwijzen naar ons jaarbericht 2019 met daarin tien mogelijkheden om vervroegd vertrek mogelijk te realiseren, zónder RVU-heffing.
 
3. Verlofsparen wordt verdubbeld naar 100 weken
Momenteel geeft de Wet op de loonbelasting de mogelijkheid om 50 weken verlof te sparen zonder dat de werknemer hierover belasting over hoeft te betalen. De overheid heeft tot nu toe paal en perk gesteld aan dergelijke stuwmeren omdat het leidt tot belastinguitstel. In het Pensioenakkoord is overeengekomen dat de fiscale grens naar 100 weken zal gaan. Het verlofstuwmeer zal naar onze verwachting een wezenlijke financieringsbron voor vervroegd uittreden worden. Een werkgever kan een oudere werknemer overigens niet zomaar 50 weken extra verlof toezeggen; dit is en blijft een RVU. Het is nog niet duidelijk of de 100-wekengrens in 2020 of 2021 zal gelden.
 
4. Verhogen werkgeverslasten
Het lage-inkomensvoordeel (LIV) is een regeling die is ingegaan op 1 januari 2017. Het LIV is een jaarlijkse tegemoetkoming voor werkgevers die werknemers in dienst hebben met een laag loon. Hierdoor dalen de loonkosten voor de werkgever. Om de bevriezing van de AOW-leeftijd financieel mogelijk te maken worden twee maatregelen genomen. Allereerst wordt het jeugd-LIV (voor werknemers tussen 18 en 21) per 1 januari 2020 gehalveerd en per 1 januari 2024 afgeschaft. Ten tweede wordt het maximale LIV per 1 januari 2020 verlaagd van € 2.000 naar € 1.000 per jaar.
 


KWPS | Employee Benefits & Risk Management

World Trade Center | Tower A, Level 11

Strawinskylaan 1115 | 1077 XX Amsterdam

T + 31 20 589 1818
E info@kwps.nl
W www.kwps.nl
KWPS_pensioen

 


KWPS kan informeren en adviseren over de in deze nieuwsbrief gesignaleerde actualiteiten. Benader uw vaste contactpersoon bij KWPS of mail naar info@kwps.nl. Deze nieuwsbrief is met uiterste zorg samengesteld, doch geeft geen volledig beeld van de genoemde problematiek. Alle handelingen die naar aanleiding van deze nieuwsbrief worden ondernomen zijn voor eigen rekening en risico. KWPS is gevestigd te Amsterdam en geregistreerd bij de Kamer van Koophandel onder nummer 34248760.


Email Marketing Powered by Mailchimp