Copy
View this email
in your browser

Naar aanleiding van de herdenkingen

NIEUWSBRIEF JORDAANMUSEUM
15 mei 2020

Bedreigd erfgoed

Onze inzet voor het behoud van het ensemble Berengang, het laatste "slop met krotwoningen" in de Jordaan - vergt tijd en energie. Dit omdat de gemeente de achter het Nassautheater, Lijnbaansgracht 30-31, gelegen Berengang, tussen Willemsstraat 171 en 183, en een aangrenzende perceel wil verkopen aan projectontwikkelaar Plusval B.V. Het gevolg is dat ook de aan de Berengang staande pandjes met vier krotwoningen ontoegankelijk zullen zijn voor het publiek.
De gemeente prevaleert hier het particuliere belang boven het publieke. Het publieke belang is toegang tot erfgoed, tot een "slop met krotwoningen" waar ervaarbaar is hoe schraal de woningen waren waarin de meerderheid van de Jordanezen leefden.
Stadsherstel wil het ensemble kopen, het Jordaanmuseum wil het huren.
Door bemiddeling van een relatie gaat een advocatenkantoor deze belangen behartigen.
Wilt u deze inzet financieel steunen? Onderaan vindt u bankgegevens!

Onderduik, verraad en verzet

Verhalen in en nabij de Berengang

Lijnbaansgracht, vlnr: 31-32 het Nassautheater. Dan de visloods van L.J. Jansen waar Rika Jansen, artiestennaam Zwarte Riek, en haar broer werkten. Op de hoek de kolenzaak van Bruijnes. En rechts het hoekpand Goudsbloemstraat 34, waar partycentrum Thalia lange tijd gevestigd was. 'Geheel rechts de winkel-van-Sinkel van Van Vliet, die een opslag had in de Berengang.
Foto na 1945 Stads Archief Amsterdam.

Inleiding

Over de Jordaan wordt wel gesproken als een wijk waar 'bij uitstek' geen joden woonden. Als bewijs daarvoor wordt gewezen op de Stippenkaart (1941), een in opdracht van de Duitsers gemaakte kaart. Of die kaart - wat de Jordaan betreft - klopt is voor zover wij weten nooit onderzocht. Een andere ondersteuning voor die gedachte wordt gevonden in de aanwezigheid van slechts twee "struikelstenen" in de wijk.
In de Jordaan werden in de loop de jaren tijdens 4 & 5 mei veel herdenkingen georganiseerd, ook door het Jordaanmuseum. Hieronder enkele verhalen.

Kosjer Schaft Huis, Elandsgracht 106

Het Schaft Huis de Eerste Aanleg, Elandsracht 106, van weduwe Rebekka Oppenheijm-de Vries bestond van 1911 tot 1926. De werkdag van Rebekka Oppenheijm-de Vries begon om 4.00 uur in de ochtend, tegelijk met de aan de Marnixstraat grenzende groente- en fruitmarkt. 'Christenklanten' kwamen vooral op de vrijdagen vis halen. Rebekka Oppenheijm-de Vries woonde zelf achter de winkel en haar dochter, schoonzoon en hun twee kinderen Saartje en Rebecca Witteboon op 1-h.


Rebekka Oppenheijm-de Vries, staand in de deuropening, is vermoord in Auschwitz. Naast haar 'meneer Boeken'. Daarnaast haar twee kleindochters, Saartje links en Rebecca rechts. Beiden overleefden de verschrikkingen. Max Arian is de zoon van Rebecca Witteboom (rechts). Moeder en zoon konden onderduiken in Limburg.


De 'broodbakkerij' van Simon Schellevis, Rozenstraat 114, leverde 'galles en kadetjes' aan het schafthuis. Simon Schellevis was getrouwd met Catherina Oppenheim, de schoonzus van opoe Becca Oppenheijm-de Vries. 

In samenwerking met Max Arian, zoon van Rebecca Witteboon, en Marjon de Klijn, dochter van Saartje Witteboon, organiseerde het Jordaanmuseum in 2013 in café De Eland een herdenkingsbijeenkomst met aansluitend een wandeling.
Max Arian vertelde dat Hein Papavoine, die een groentewinkel had op de hoek Elandsstraat 121/ Hazenstraat, meteen na de eerste razzia met een handkar naar de Weesperstraat ging, waar de familie naar verhuisd was, om hen te halen. Hein zei: ‘Ik laat jullie niet weghalen.’ Hij heeft de familie ondergebracht op Elandsstraat 100 bg en 100 2h.
Max Arian: 'Hein Papavoine heeft ons gered, en dat deed hij samen met caféhouder Leurink (destijds exploitant van wat nu café Saarein is). 

Winkel van Sinkel, Lijnbaansgracht 30

De kolenzaak van de vader van Eddie Bruijnes, nu in de 80 jaar oud, was op de hoek Lijnbaansgracht 33/ Goudsbloemstraat. Eddie Bruijnes is er geboren en getogen en kent de ins-en-outs van dit stukje Jordaan.

Hij vertelt: 'Op nummer 30, links van het Nassautheater, zat een joodse man. Die heette Cohen en verkocht potjes en pannetjes, zeep, etc. Hij had een Winkel-van-Sinkel. Ik speelde met zijn zoon Leo.' 

Lazerus Cohen, zijn zoon Martijn en diens vrouw Rebecca Reimer en hun 3 kinderen, stonden op nummer 30 ingeschreven. De vader van Lazerus Cohen had zich in 1832, komende uit Smilde (Drenthe), in de Jordaan gevestigd.
Eddie Bruijnes: 'Martijn was klein en heel leuk. Van mijn vader kreeg hij een grote zak kolen om zelf te stoken. Die kreeg hij gewoon.'
Lazerus Cohen was eigenaar van een werk- en opslagplaats aan de Berengang, de pandjes Willemsstraat 177A en 177B. Deze bezittingen verkocht hij in 1937 aan de gemeente Amsterdam. "Bouwresten" van deze twee pandjes zijn nog aanwezig op de percelen aan de Berengang. Die percelen wil de gemeente nu verkopen aan de projectonwikkelaar.
Bruijnes: 'Lopende achter Duitse wagens moesten ze naar concentratiekampen.
 


Visloods, Lijnbaansgracht 32A



De visloods van L.J. Jansen. Hier werkten Rika Jansen (rechts) en haar broer. Zij verkochten vis, ook op de Lindengrachtmarkt. De artiestennaam van Rika Jansen zou Zwarte Riek worden. In 1964 maakte zij indruk met het lied Amsterdam huilt waar het eens heeft gelachen. De tekst schreef haar levensgezel Kees Manders.
Eddie Bruijnes: 'Die twee, Riekie en haar broer, dreven die handel. De vader had in de Kinkerstraat ook een zaak en in de stad. 's Ochtend vroeg ging hij naar de afslag in IJmuiden. Die van Jansen waren leuke èn knappe mensen. Ze hadden pikzwart haar. Rika Jansen, Riekie, was een lieve vrouw. Zij hielp iedereen en was een sociaal mens.'

L u i s t e r!

Kolenhandel, Lijnbaansgracht 32B

Onder de woning van het NSB echtpaar Botter was de kolenhandel van Bruijnes. Daarin was een onderduikkamer waar vijf jongens zich de hele oorlog verborgen hielden voor de "Arbeitseinsatz".
Eddie Bruijnes: 'Mijn vader komt van een familie die een boerderij in Sloten had. Daar haalden wij eten. Wij hadden een bakfiets met een dubbele bodem, daartussen lag het eten: groente en kaas. Op de heenweg zat ik in de bakfiets maar op de terugweg fietste ik - ik was nog jong, 11, 12 jaar - en dan liep vader er zogenaamd naast te wandelen.' 
Nadat Henry Cutler met Work Cycles in de bedrijfsruimte was getrokken, waarin Dirk III gevestigd was geweest, sloopte hij de betimmering en ontdekte de schuilkamer (foto links). Aan de andere zijde, thv nummer 32A, ontdekte hij achter de afschotting de 15 meter lange en 3 meter brede Kuipersgang, parallel en grenzend aan het Nassautheater.


Antiquair, Lijnbaansgracht 34

Gerzon KreveldEddie Bruijnes: 'Op de hoek Lijnbaansgracht 34/ Goudsbloemstraat, tegenover ons, zat een joodse antiquair. Dat waren nog niet zulke oude mensen. Die antiquair is in de oorlog gevlucht.'
Volgens het bevolkingsregister woonde op dat adres (waar jarenlang het Partycentrum Thalia was) Gerzon Kreveld met zijn vrouw Schoontje (Lilly) van Embden. Gerzon Kreveld was eind 1937 begin 1938 oorlogscorrespondent voor 'Het Volk' in Spanje. Hij en zijn gezin vertrokken maart 1941. Drie jaar waren zij ondergedoken.
Gerzon Kreveld emigreerde in 1952 naar Australië en overleed daar in 1988.

Ineke de Jong-Hijlkema: 'Bij de verbouwing van Thalia in 1975 is een waarschijnlijke vluchtweg gevonden: een luik in het plafond van de begane grond naar 1e etage.

Lees verder

Joodse slagers, 2de Goudsbloemdwarsstraat 

Nummer 15-17

Harris van Beek, nakomeling van Herman van Beek die zich, komende van de Nieuwe Kerkstraat, in 1874 als 'vleeschhouwer' op het adres Tweede Gouds-bloemstraat 15 vestigde, vertelde: 'Ik heb een prachtige foto van rond 1900 of 1910 waarop je de indeling van de winkel op nummer 17/19 ziet en wat er werd verkocht.
Links op de foto staat grootvader Mozes van Beek (*1878), midden overgrootvader Herman van Beek (*1848) en rechts waarschijnlijk de inwonende knecht Herman Reinsdorp uit Sneek. Mijn vader heette Herman van Beek. Hij is het enige kind dat de oorlog overleefde. Voordat hij naar Duitsland werd vervoerd, is hij ontsnapt. Hij heeft ondergedoken gezeten aan de rand van de Jodenbuurt.'
Volgens het bevolkingsregister was slagerij Van Beek van 1874 tot 1937 gevestigd op het adres 2de Goudsbloemdwarsstraat 15-17. Daarna Lindengracht 152. 
Harris van Beek woont in Australië.
 


Nummer 23 

Op nummer 23 in de Tweede Goudsbloemdwarsstraat was de tweede joodse slager Jacob van Thijn. Ruud Goedknegt, 'zoon van In 't Vette Varken', vertelt: 'Mijn vader had relaties met het verzet. Via meneer Snel, een groothandelaar in papier die in de oorlog altijd wapens bij zich droeg, zijn de drie kinderen van Van Thijn ondergedoken.
Pa van Thijn ging op het Museumplein bij de 'Ortskommandant' een 'Ausweiss' aanvragen. Bij thuiskomst vertelde hij vol trots aan mijn vader dat hij een 'Ausweiss' had. Toen is mijn vader ontzettend kwaad geworden: ‘Hoe kun je zo dom zijn.’ Van Thijn dacht dat hij "vrijgesteld" was en heeft meteen daarna zijn oudste dochter uit de onderduik teruggehaald. Zij en haar ouders zijn kort daarna ’s nachts weggehaald.'
Jacob van Thijn werd op 22 oktober 1943 vermoord in Auschwitz. Twee van zijn drie kinderen overleefden de oorlog. Lou van Thijn in een onderduikgezin in Wormerveer en Fie van Thijn in Frankrijk.'

Gevallen kameraden

Pieter de HondtGoudsbloemstraat 131-1h

'Verderop in de Goudsbloemstraat 131-1hv, woonde Pieter de Hondt, geb. 25 jan 1900, met zijn gezin. Hij was de broer van Bertha de Vries - de Hondt, ook toen bekend als communist. Onder Pieter de Hondt woonde Willem Buurman (*Lisse: 08-10-1899 - Aankomst Dachau: 01-08-1942) die getrouwd was met een dochter van Bertha de Vries. 
Pieter de Hondt was verzetsman en is verraden. November 1941 werd hij geïnterneerd in Kamp Amersfoort en overleed daar op 11 februari 1942.'
Eddie Bruijnes trouwde met de dochter van Pieter de Hondt en Ida Piepot en woont nu in Almere.
 


Lijst De Vries

Jan de Vries herdacht vierenveertig ‘gevallen kameraden’ met het opstellen van een lijst namen en adressen – vrijwel allen in de Jordaan. Op deze lijst staan communistische verzetsmensen. Ook Pieter de Hondt en Willem Buurman staan er op. Deze lijst werd beschikbaar gesteld aan het Jordaanmuseum door de kleindochter van De Vries, Kitty Hofboer-de Vries, en is te zien op onze website.

Lees verder

Verraad

Eddie Bruijnes: 'Er gebeurden rare zaken in de buurt. In de oorlog liepen er veel Duitsers. Onderduikers uit de buurt haalden stiekem bij Ko Meijer een pilsje. Tussenbeide kwam een NSB-er in burger ook een biertje drinken. Die gaf informatie door. Daarna kwamen de overvalwagens de buurt in.
In de Goudbloemstraat, net om de hoek van de Kolenzaak van Bruijnes, woonde Kees Botter en boven hem zijn broer Wim. Die broers keken elkaar niet meer aan. Kees was een fijne vent, maar Wim en zijn vrouw Marie waren NSB-ers. Zij verraadden iedereen in de buurt. Na de oorlog dorst zij niet meer in Amsterdam te komen. Zij is in Groningen vis gaan venten. Wim heeft in de bak gezeten en was daarna altijd hartstikke dronken. Als je hem tegen kwam - niet in de Jordaan want daar dorst hij ook niet meer te komen - dan riep je: 'Hé Willem.' Dan keek hij je aan ....en zag je: 'Hij is de weg kwijt.''

Nawoord

Ruud Goedknegt, 'zoon van In 't Vette Varken': 'De Jordaan was geen jodenbuurt. Joodse middenstanders waren over de hele stad verspreid. In de Jordaan was men heel erg gemengd, alles zat door elkaar. Bij een jood kopen was voor iedereen goed. Maar als katholiek kocht je niet gauw bij een protestant en andersom. Van de middenstanders waren er meer katholiek dan protestant. Wij waren katholiek en Louman was ook katholiek. Van Thijn was joods en ook Van Beek.'

                                                

Volg ons op

Facebook Facebook
Website Website

Steun de projecten van het Jordaanmuseum die tot doel hebben de betrokken van bewoners te vergroten en bezoekers aan te trekken die geïnteresseerd zijn in de bijzondere cultuurgeschiedenis van de wijk.

Dankzij de inzet van veel vrijwilligers en donateurs kan het Jordaanmuseum projecten realiseren. Ook uw steun is nodig. 


Wij zoeken een fondsenwerver, een goede penningmeester!

Een bijdrage kunt u storten tnv
Stichting Jordaanmuseum
NL66 INGB 0000 8966 64 

Doneren via iDeal op onze website
U kunt de tentoonstelling De Jordaancultuur
van 10.00 – 16.00 uur bezoeken in De Rietvinck

24 uur per dag: Het Gangenproject – Willemsstraat 22 – 110 en
het Gangennaambordenproject eveneens in de Willemsstraat en omgeving
 
mail adres bijwerken - uitschrijven

Copyright © 2020 

Email Marketing Powered by Mailchimp