Copy
Hotei nieuwsbrief Maart 2017
View this email in your browser

Hotei nieuwsbrief Maart 2017

  • Het Shumpōan incident.

  • De ondergang van Frank Lloyd Wright (1867-1959).

  • Een ongebruikelijke tentoonstelling in het Sieboldhuis: Ema.

  • Nihon no hanga toont: "Adventurous artists: Depicting Japan and the World." .

  • In onze galerie.

Beste Japanse kunstliefhebber,

Op dit moment is het enigszins rustig aan het prenten front. De Kunisada tentoonstelling in het Sieboldhuis en de grote Ukiyo-e expositie in Brussel (met 69.000 bezoekers) zijn voorbij. De volgende inkoopreis staat begin mei gepland.

De laatste tijd werd het kunstnieuws natuurlijk gedomineerd door de TEFAF en dan met name door alle verhalen over vervalsingen, schandalen etc. Alles een beetje opgeklopt.

In relatie tot die NRC-stukken kreeg ik van diverse klanten de vraag of er ook grote vervalsingsschandalen zijn geweest op het gebied van de Japanse kunst. Laat me daarom in deze nieuwsbrief over twee pikante zaken verhalen.
 
Een échte Ukiyo-e schildering:
Het Shumpōan incident.

In mei 1934 zou een groep van 19 Ukiyo-e schilderingen worden geveild in de Tokyo Bijutsu Club, de Tokyo kunst club, waar ik ook nu drie tot vier keer per jaar mijn veilingen heb. Deze zouden zijn gevonden in een oude opslag van een feodale heer. De opslag had de naam Shumpōan (lett. ‘de lente piek hut’ ), later de naam van dit schandaal.

Tijdens de kijkdagen, er waren o.a. drie schilderingen die de signatuur ‘Sharaku’ droegen, kwam de waarheid aan het licht: de schilderingen zouden door een man, Yata Senkuro uit Okayama, samen met zijn drie zoons zijn gemaakt.

Het bleek dat deze vier familie leden al tien jaar bezig waren met vervalsen en eerst een handelaar Shimizu Naoji die met succes een vervalsing had verkocht, en later een wetenschapper annex handelaar Kaneko Fusui begonnen deze vervalsingsstudio steeds meer opdrachten te geven. De vader hield zich bezig met het zoeken en opkopen van oude monteringen en de zoons die getalenteerde tekenaars waren, maakten de meest fantastische schilderingen van vrouwen en acteurs in de beste Ukiyo-e traditie, onder aansturing van hun opdrachtgevers.

Shimizu en Kaneko wilden een grote klapper maken en boden een groep van 19 schilderingen te koop aan drie man: een handelaar, een no- acteur en een verzamelaar. De handelaar wilde onmiddellijk een grote winst behalen en besloot, na aankoop ze onmiddellijk te laten veilen. Dat kostte enige moeite omdat een aantal veilinggroepen niet door de ‘provenance’ waren overtuigd. De herkomst was onduidelijk en dat wekte argwaan. Uiteindelijk hapte de firma Kawabe toe, onder voorwaarde dat een wetenschapper zou instaan voor de schilderingen. Een oude specialist werd bereid gevonden een en ander op papier te zetten. Hij schreef een voorwoord voor de catalogus en kreeg daar een fors bedrag voor. Maar op de kijkdagen werd alarm geslagen en het schandaal was geboren, de vervalsers aangeklaagd evenals de opdrachtgevers. Het ongelooflijke is dat een aantal schilderingen gekopieerd waren naar voorbeelden die nog pas vijf maanden eerder door dezelfde Kawabe firma waren geveild.

Dit hele incident is beschreven door Tim Clark, hoofd-conservator Japan van het British Museum. Hij schrijft dat het geheel ook humoristische kanten had: het Ministerie van onderwijs wilde een fotograaf sturen om alles vast te leggen zodat de schilderingen aangewezen konden worden als Important Art Objects om eventuele export te voorkomen. Verder werd een van de drie vervalser-zoons door een rijke verzamelaar in zijn villa opgenomen om nog meer schilderingen te maken, welke vervolgens met enorm succes in 1935 in een department store verkoping werden verkocht, als reproducties. In 1936 volgde de uitspraak van het proces: Kaneko Fuzui en een van de vervalser-zoons, Osamu, werden veroordeeld tot 2 jaar en 8 maanden in het cachot, de anderen kregen voorlopige straffen.

Maar Clark signaleert dat deze rechtszaak rond 19 schilderingen slechts het topje van de ijsberg was: Shimizu heeft bijvoorbeeld meer dan 40 schilderingen van Yata afgenomen, en sommigen zijn naar Europa verkocht.

(deze samenvatting is gemaakt op basis van de verkorte bespreking van het schandaal in Ukiyo-e Paintings in the British Museum van Time Clark, 1992. Het beste boek op het gebied van de Ukiyo-e schilderkunst, met een interessante appendix getiteld ‘Fakes’  met voorbeelden van kopieën van schilderingen in het museum.)
Dit schandaal volgt dus het traditionele patroon van een familie van goede maar niet erg snuggere vervalsers die aangestuurd worden door een hebberige handelaar, die vervolgens een wetenschapper voor zich wint die het geheel moet legitimeren.
Nog lang na 1936 was er onzekerheid over authenticiteit van Ukiyo-e schilderingen in Japan en nog is het een van de aller moeilijkste gebieden van de Japanse kunstwereld. Er bestaan veel meer ‘ fakes’ dan originelen. Deze problematiek wordt verergerd doordat er soms verschillende originelen van hetzelfde onderwerp bestaan met kleine verschillen. En ook is het onderscheid tussen echt en onecht niet altijd te wijten aan bewuste pogingen om de boel te bedonderen: soms werden schildering in studio’s door leerlingen gekopieerd als onderdeel van hun training (zie hiervoor de bespreking van het begrip ‘fumpon’ in Jordan & Weston, Copying the Master and Stealing his Secrets, 2003, p. 33 e.v.).
Een voorbeeld van een veelvoudig gekopieerde
schildering, waarvan een origineel onbekend is.
De ondergang van Frank Lloyd Wright (1867-1959).
Het huis van Frank Lloyd wright met zijn commerciële voorraad.
In een van de allerbeste kunstboeken die ik ken, getiteld 'Frank Lloyd Wright and the Art of Japan', beschrijft Julia Meech het leven van de befaamde en invloedrijke architect in relatie tot zijn andere passie, namelijk Japanse kunst en de prentkunst in het bijzonder. Wright was een bezeten man en in een van zijn brieven vertelt hij hoe hij in Japan werkend, moeite heeft om niet méér geïnteresseerd te zijn in de prentkunst en met name in de handel, dan in de architectuur. Misschien was dit ook een van de redenen dat veel van Wright’s gebouwen lekten…

In ieder geval, Wright had altijd geldproblemen en het waren deze geldproblemen die hem waarschijnlijk hebben verblind waardoor hij in de val is gelopen. Het verhaal is lang en ik verwijs iedereen graag naar haar hoofdstuk ‘The print scandal’ (p. 142 e.v.). De samenvatting luidt ruwweg als volgt: in 1919 wordt Wright benaderd door een ‘runner’ van een bekende handelaar in Tokyo met de mededeling dat deze een collectie op het platteland heeft gevonden. De verzameling is nooit getoond en heeft altijd in opslag gelegen. Wright hapt toe en koopt de hele verzameling voor in zijn ogen een schijntje: US$ 50.000. Hij stuurt bericht naar de VS dat hij met een collectie van 1500 prenten naar New York komt en hij biedt de belangrijkste verzamelaars van die tijd, met als centrale figuur Howard Mansfield de kans om de hele collectie te kopen. Zij vormen een consortium en Wright verkoopt de helft van de verzameling aan een groep van vijf verzamelaars met Mansfield als spil.
Een tweeluik van Kiyonaga, waar Mansfield US$ 3500 voor betaald had en later bijzonder teleurgesteld was toen hij hoorde dat de kleuren vervalst waren.
Vervolgens ontstaan er geruchten over de authenticiteit van de prenten: zo hier en daar duikt de uitdrukking ‘revamped prints’ op en Wright wordt gedwongen om de oorspronkelijke kopers de kans te geven de verdachte prenten in te ruilen. Wat bleek er gedaan te zijn: verkleurde exemplaren van beroemde m.n. 18de eeuwse originelen waren uitgewassen en de kleuren waren opnieuw met nieuw gesneden kleurblokken aangebracht. De fantastische kleuren vielen op, maar ook, de pin-gaatjes waarmee de prenten werden vastgezet op de nieuwe kleurblokken. Meech vertelt in diepgaand detail de hele ontrafeling van het bedrog van Wright, die zelf onwetend was, op basis van correspondentie tussen verzamelaars van die tijd. Interessant detail is dat een van de spelers in dit proces de Nederlandse schilder Bosch Reitz was, die de functie van conservator Japanse kunst van het Metropolitan in New York bekleedde. Hij had een hele grote collectie Japanse prenten van gemengde kwaliteit, die ik jaren geleden heb mogen verkopen.

Frank Lloyd Wright was er ingeluisd door de Japanse handelaren, die hem niet mochten. Zij vonden het vervelend dat hij achter hun rug om prenten probeerde op te sporen. Zijn agressieve en opschepperige stijl viel slecht en dat was de aanleiding om een complot te smeden om zich van hem te ontdoen. Waarschijnlijk was een belangrijke reproductie-maker van die tijd Takamizawa Enji, degene die de prenten opnieuw van kleur voorzag.
Kijk naar het onnatuurlijke blauw van deze Harunobu.
1 Komai Yoshinobu
Princess Onna san no Miya with cat on a leash
2 Isoda Koryūsai
Courtesan strolling with client and attendant
(Bladzijde uit de tentoonstellings-catalogus van de prenten van Frank Lloyd Wright met sterretjes om aan te geven dat het gerevampte prenten zijn.)
Veel later, na het faillissement van Wright belandde het restant van de collectie in handen van Edward Burr van Vleck, die vervolgens de verzameling doneerde aan het Chazen museum in Madison, Wisconsin. Jaren geleden is er een tentoonstelling in Japan geweest uit de museumcollectie en daarbij was in de catalogus aangegeven welke prenten ge-revamped waren. Hierboven ziet u drie voorbeelden: als je het eenmaal weet dan valt de onnatuurlijke kleur blauw op. Het blauwe pigment dat nl in de 18de eeuw gebruikt werd was lang niet zo stabiel en egaal als in deze prenten zichtbaar is.

Nu nog komt er af en toe een prent op de markt waarvan de kleuren verdacht zijn en vermoedelijk sprake is van revamping, het proces dat Wright tot de afgrond bracht.
Een ongebruikelijke tentoonstelling in het Sieboldhuis: Ema.
Ema zijn votieftabletten die gebruikt worden in een poging om te genezen van een kwaal. Deze kleine bordjes worden gedecoreerd en opgehangen in tempels en vervolgens verbrand. Een Nederlandse verzamelaar heeft er honderden bijeen weten te brengen en er samen met een zeer hoog aangeschreven Japanoloog/antropoloog Ian Reader een prachtig boek over geschreven. Ik weet dat velen van u recentelijk naar Japan zijn geweest of van plan zijn binnenkort te gaan. De tentoonstelling geeft een interessante inkijk in de denkwereld van de Japanner en de instrumentele kijk op de manipulatie van de gezondheid. Kom dus kijken.

Tot en met 11 juni 2017.
Nihon no hanga toont:
"Adventurous artists: Depicting Japan and the World."


Bij Nihon no Hanga de tentoonstelling: Adventurous artists: Depicting Japan and the World, met prenten van Japanse kunstenaars die naar het buitenland gingen en prenten van de locaties die ze bezochten maakten en met werk van Westerse kunstenaars die naar Tokyo gingen en hun ontwerpen van Azië lieten produceren door de grote Shin hanga uitgever Watanabe Shozaburo.

Alle weekends van Mei, vrijdag t/m zondag steeds van 12:00-16:00 uur.
In onze galerie:

Nog steeds nieuwe aanwinsten en af en toe druppelt er nog wat binnen:
Hartelijke groeten,

Chris Uhlenbeck
Hotei Japanese Prints
Share
Tweet
Share
Forward to Friend
Copyright © 2017 Hotei Japanese Prints, All rights reserved.


unsubscribe from this list    update subscription preferences 

Email Marketing Powered by Mailchimp