Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
afbeelding van Bible In One Year | bijbeljaar.nl
Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

Omgaan met de uitdagingen van het leven

6 juli - dag 187

John F. Kennedy zei: “We staan vandaag op een grens (...) maar deze grens is geen belofte, het is een uitdaging. Het is geen samenvatting van wat ik het Amerikaanse volk wil bieden, maar van wat ik van hen wil vragen.”
 
Het leven is een opeenvolging van uitdagingen, problemen en moeilijkheden. Soms houden we onszelf voor dat als we de problemen van vandaag maar het hoofd kunnen bieden, al onze problemen de wereld uit zijn. Maar zo zit het leven niet in elkaar. Zodra we het ene probleem hebben opgelost, dient het volgende zich alweer aan.
 
Het is verleidelijk om deze uitdagingen te zien als belemmering voor onze dienst aan God en de wereld. Maar onze dienende taak is het omgaan met deze problemen. Een voormalig bisschop van Kensington heeft gezegd: “Dit zijn niet de problemen die horen bij de dienende taak, dit is de dienende taak.”
 
De Bijbel is levensecht. De psalmdichter heeft te maken met pijn en nood. Paulus heeft te maken met valse beschuldigingen en gevangenschap op basis van verzonnen aanklachten. De koningen in het Oude Testament hadden te maken met veldslagen en enorme bouwprojecten.
 
Als ik de gedeelten voor vandaag lees, besef ik dat de relatief kleine uitdagingen, problemen en moeilijkheden in mijn leven in het niet vallen bij de problemen van het volk van God in vroeger tijden en ook nu.

1. Praat met God over je problemen

Word je op de proef gesteld? Soms laat God ons op de proef stellen, net zoals Hij zijn volk op de proef liet stellen bij het water van Meriba (v.8, zie ook Numeri 20). Maar Hij laat je niet aan je lot over. Je kunt met Hem praten over al je problemen.
 
God zegt: 'Ik nam de last van je schouder (...) Riep je om hulp, ik redde uit de nood' (vv.7a-8a).
 
'Israëlieten, ik heb jullie bevrijd,
 ik heb jullie bevrijd van het zware werk. Jullie hoefden geen slaven meer te zijn.
Toen jullie om hulp riepen,
heb ik jullie gered' (vv.7-8a, BGT).
 
Het maakt niet uit wat je omstandigheden zijn; welke problemen je ook hebt, je kunt ze altijd bij God brengen in gebed.
 
God heeft hun last van hen weggenomen en hen gered uit de nood. De psalmdichter begint daarom met lofprijzing en vreugde: 'Jubel voor God, onze sterkte' (v.2a).
 

Heer, dank U dat U mijn kracht en vreugde bent als het leven mij confronteert met uitdagingen en problemen. Heer, vandaag vraag ik U om me te bevrijden van ...
 

2. Vertrouw erop dat God alles in de hand heeft

Geloven betekent vertrouwen op God. C.S. Lewis heeft geschreven: 'Geloof is de kunst om ondanks wisselende omstandigheden toch vast te houden aan dingen die je verstand ooit heeft aangenomen.' Het is moeilijk om te vertrouwen op God als het lijkt alsof alles verkeerd gaat.
 
Lucas doet op een heel objectieve en onbewogen manier verslag van het proces tegen Paulus. Dit moet voor Paulus een zeer frustrerende periode zijn geweest. Deze grote leider van de gemeente, evangelist en leraar zit opgesloten en kan schijnbaar niet doen waartoe God hem heeft geroepen. Hij zit gevangen en moet de fysieke beperkingen en de ongemakken van gevangenschap verduren.
 
Paulus wordt beschuldigd van ernstige zaken (vv.1-7). Hij verdedigt zichzelf door te zeggen dat hij niets verkeerds heeft gedaan (vv.8,10). Maar Festus was meer geïnteresseerd in wat de mensen vonden (v.9) dan in rechtvaardigheid. Hij was meer bezig met zijn eigen populariteit dan met rechtspreken. Uiteindelijk doet Paulus een beroep op Caesar (v.11).
 
Als koning Agrippa een bezoek aan Festus brengt, overlegt Festus met hem over de zaak van Paulus. Festus zegt: 'De aanklagers gingen om hem heen staan, maar beschuldigden hem niet van het soort misdrijven dat ik had verwacht. Wel bleken er geschilpunten te bestaan met betrekking tot hun godsdienst en een zekere Jezus, die dood is, maar van wie Paulus beweert dat hij leeft'(vv.18-19).
 
De opstanding van Jezus moet altijd centraal staan in de boodschap die we verkondigen. De enige beschuldiging die hout sneed was dat Paulus verkondigde dat Jezus leefde, maar er waren talloze andere beschuldigingen en valse aanklachten tegen hem ingebracht.
 
Tijdens al deze moeilijkheden en frustraties moet het voor Paulus zo moeilijk zijn geweest om te bedenken wat er voor goeds zou kunnen voortkomen uit al deze oneerlijkheid, al dit uitstel en het oponthoud tijdens zijn processen. Maar net als altijd had God het goede voor ogen. Paulus zelf heeft geschreven: 'Wij weten dat voor wie God liefhebben, voor wie volgens zijn voornemen geroepen zijn, alles bijdraagt aan het goede' (Romeinen 8:28).
 
Op de korte termijn gaf het Paulus de gelegenheid om Agrippa te spreken. Nadat hij het hele verhaal over Paulus had gehoord, zei Agrippa tegen Festus: 'Ik zou die man zelf wel eens willen horen' (Handelingen 25:22). Als we gefrustreerd zijn en diep in de problemen zitten, weten we niet wanneer een gelegenheid zich zal voordoen, maar soms gebeurt dat gewoon.
 
Op de middellange termijn was het gevolg dat Paulus naar Rome werd gezonden. Paulus had gezegd dat hij naar Rome wilde om daar het evangelie te verkondigen (zie Handelingen 19:21, Romeinen 1:15, 15:23) en de Heer zelf had tegen Paulus gezegd dat hij zou getuigen in Rome (Handelingen 23:11). De gebeurtenissen tijdens Paulus' proces waren de reden om hem uiteindelijk naar Rome te sturen.
 
Op de lange termijn hebben heel veel mensen in de loop van 2000 jaar het verhaal van Paulus gelezen en hierin bemoediging gevonden, omdat ook hij vals werd beschuldigd, in de gevangenis werd gegooid en veel kritiek te verduren kreeg. Ik vermoed dat Paulus versteld zou hebben gestaan als hij in zijn benarde omstandigheden had geweten hoeveel goeds eruit zou voortkomen. Misschien kom je in dit leven nooit te weten hoe God jouw geloof en trouw in uitdagende situaties gebruikt.
 

Heer, dank U dat U bij ons bent als we worden beschuldigd en bekritiseerd. Dank U dat U alle frustraties en tegenslag ten goede keert voor wie U liefhebben en tot uw doel zijn geroepen (Romeinen 8:28).
 

3. Grijp alle kansen die God je geeft aan

Tijdens deze nogal deprimerende geschiedenis van de koningen van Israël en Juda lezen we over een gebeurtenis in het leven van Elisa die ons aanspoort om elke kans die God ons geeft aan te grijpen, te volharden en niet op te geven.
 
Er zijn allerlei verschillende soorten leiders. Er zijn er die doen 'wat slecht is in de ogen van de HEER' (13:2,11). Er zijn er die doen 'wat goed is in de ogen van de HEER' (14:3).
 
God is buitengewoon genadig en als Joachaz, die deed wat slechts is in de ogen van de Heer, de Heer om hulp vraagt, luistert de Heer naar hem (13:4, BGT). Als je de Heer om hulp vraagt, luistert Hij naar je.
 
In de lijst met leiders van Israël, was Joas waarschijnlijk de beste. Hij deed 'wat goed is in de ogen van de HEER' (12:3), ook al deed hij dat maar voor een deel van zijn regeerperiode.
 
Joas begon met een bouwproject. Zoals zo vaak het geval is met bouwprojecten, duurde het veel langer dan hij had gedacht: 'Maar in Joas' drieëntwintigste regeringsjaar waren de priesters nog steeds niet aan het herstel van de tempel begonnen' (v.7). De koning belegt een vergadering en vraagt: 'Waarom doet u niets om de tempel te herstellen?' (v.8a).
 
Uiteindelijk beginnen ze toch aan het werk. Ze brengen het benodigde geld bij elkaar (v.11). Ze waren allemaal betrouwbaar (v.16) en er werd vooruitgang geboekt.
 
Vandaag de dag is Gods tempel niet zozeer een gebouw, maar de mensen die bij God horen, het volk van God. We moeten ons geld en onze krachten gebruiken om het volk van God op te bouwen, in aantal (evangelisatie), in ontwikkeling (discipelschap) en in de zorg voor de gemeenschap (transformatie van de maatschappij). Soms hebben we hier gebouwen voor nodig en het is dan ook niet verkeerd om geld uit te geven aan de infrastructuur van de gemeente als dat nodig is.
 
Het volk van God stond niet alleen voor bouwkundige uitdagingen, maar moest ook strijd leveren. In dit gedeelte zien we hoe ze moesten vechten tegen Aram. Elisa zegt tegen de koning van Israël: 'Haal een boog en pijlen (...) Pak uw pijlen (...) Sla met de pijlen op de grond' (13:15-18). De koning 'sloeg driemaal met de pijlen op de grond, niet vaker' (v.18c). Elisa zei: 'Had maar vijf of zes keer geslagen! Dan zou u Aram vernietigend verslagen hebben. Nu zult u Aram maar drie keer een nederlaag toebrengen' (v.19).
 
Ik herinner me dat ik deze verzen las in 1999 nadat we voor het eerst een Alpha-bijeenkomst hadden georganiseerd in 1998, waarbij we het hele land hadden uitgenodigd om het goede nieuws over Jezus te horen. We vroegen ons af of we een tweede bijeenkomst moesten organiseren of een jaar moesten wachten. Tijdens het lezen van deze verzen voelde ik dat ik op de grond moest blijven slaan.
 
Het maakt niet uit voor welke uitdagingen je staat: blijf bidden, blijf vertrouwen, blijf uitkijken naar mogelijkheden om God te dienen en geef nooit op!
 

Heer, als we voor uitdagingen staan, geeft U ons dan de vastberadenheid om niet op te geven maar door te zetten tot het einde.
 

Pippa's bijdrage

2 Koningen 12:18


Koning Hazaël van Aram stond op het punt om aan te vallen, maar Joas kocht hem af en gaf hem alle schatten uit de tempel.
 
Soms is het heel goed om iemand die boos op je is een cadeau te geven.
 

afbeelding van Bible In One Year | bijbeljaar.nl
Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2017 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.