Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
afbeelding van Bible In One Year | bijbeljaar.nl
 Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

Wees openhartig tegen God 

21 januari - dag 21

2016 was het jaar van de 'post-truth', de post-waarheid. Het woord 'post-truth' werd dat jaar steeds vaker gebruikt met een hoogtepunt tijdens de debatten over de Brexit en de presidentsverkiezingen in de Verenigde Staten. In het post-truth-tijdperk lijken feiten van ondergeschikt belang aan meningen en emoties. Oneerlijke, onjuiste insinuaties en het ontkennen van feiten wordt getolereerd. Er wordt zelfs glashard gelogen.
 
Maar als je een auto koopt, wil je de waarheid weten over die auto. In een relatie wil je de waarheid weten. We smachten naar eerlijkheid en waarheid.
 
We zien in de gedeelten voor vandaag dat God een hekel heeft aan leugens en bedrog. David zegt: 'De mensen bedriegen elkaar, ze hebben een gladde tong, ze zijn dubbelhartig' (Psalm 12:3, NBG). Jezus citeert Jesaja: 'Dit volk eert mij met de lippen, maar hun hart is ver van mij' (Matteüs 15:8). Hoewel Jozefs broers tegen hun vader logen over het lot van Jozef (Genesis 37:31-35), wisten ze in hun hart dat ze God niet konden bedriegen: 'Dit is onze straf omdat we ons niets hebben aangetrokken van de smeekbeden van onze broer' (42:21).
 
God wil dat je eerlijk, openhartig en waarachtig bent tegen Hem. Hij houdt van oprechtheid. Hij wil je hartenkreet horen.

1. Vraag God om hulp

Davids hartenkreet is: 'Help, HEER' (v.2, WV). Hij klaagt over de maatschappij van zijn tijd, een maatschappij die nogal wat overeenkomsten vertoont met de onze. Hij heeft het over bedrog, arrogantie, hebzucht en zelfzucht.
 
'De mensen liegen tegen elkaar,
niemand spreekt de waarheid' (v.3, BGT).

God is niet onder de indruk van mensen die goed van de tongriem zijn gesneden. God reageert op Davids hulpgeroep met een belofte om de zwakken en armen te helpen: 'Om hen sta ik op (...) ik breng de redding die zij verlangen' (v.6).
 
David zet de betrouwbaarheid van God tegenover de onbetrouwbaarheid van de leugens van de mensen om hem heen: 'De woorden van de HEER zijn zuiver als zilver, gesmolten in de smeltkuil, gelouterd tot zevenmaal toe' (v.7). Dit geeft hem het vertrouwen dat de Heer hem zal beschermen ondanks alle bedrog en verraad om hem heen. 'Behoed hen, HEER, bescherm hen steeds tegen dat volk' (v.8).
 
'Help toch, Heer' is een heel goed gebed om de dag te beginnen en God te vragen om je te sturen bij al je bezigheden.
 

Help mij, Heer ... (leg God alle dingen voor die je vandaag bezighouden).
 

2. Blijf met God praten in de storm

Jezus vond het fijn om zich terug te trekken om te bidden – 'Toen hij hen weggestuurd had, ging hij de berg op om er in afzondering te bidden' (14:23). Als je helemaal alleen bent met God, kun je uit de grond van je hart in alle eerlijkheid met Hem praten.
 
Dankzij deze vertrouwelijke omgang met God kan Jezus lopen op het water. Hij moedigt Petrus aan hetzelfde te doen. Maar als Petrus voelt hoe sterk 'de wind' is, raakt hij in paniek (v.30). Dat gevoel ken ik maar al te goed. Soms, als alles in het honderd begint te lopen, kijk ik niet meer naar Jezus. Ik richt al mijn aandacht op de dingen om me heen, en begin te 'zinken'. Op dat moment doet Petrus een schietgebed: 'Heer, red me!' (v.30).
 
Dit schietgebed is een hartenkreet. 'Meteen strekte Jezus zijn hand uit, hij greep hem vast' (v.31). Als ik kijk naar alle schietgebedjes die ik in mijn leven heb gedaan, verwonder ik me erover hoe sommige daarvan zijn verhoord.
 
Terwijl Jezus en Petrus weer in de boot stappen, gaat de wind liggen. 'Zij die in het schip waren, kwamen Hem aanbidden en zeiden: Werkelijk, U bent de Zoon van God'' (v.33, NBG).
 
Aan het eind van het verhaal uiten alle leerlingen een hartenkreet in aanbidding. Dit is heel bijzonder. Monotheïstische Joden, die het gebod kennen dat ze alleen God mogen aanbidden, aanbidden Jezus. Ze erkennen dat Jezus de 'Zoon van God' is.
 
Jezus zegt tegen de discipelen als Hij op het water loopt: 'Blijf kalm! Ik ben het, wees niet bang!' (v.27). 'IK BEN ER' is de naam van God in het Oude Testament (Exodus 3:14, GNB). Jezus zegt tegen zijn leerlingen en tegen ons dat Hij de grote 'IK BEN ER' is. We hoeven dus niet bang te zijn. In welke situaties je je vandaag ook bevindt, het is een enorme geruststelling dat Jezus alles in de hand heeft.
 
Je begrijpt misschien niet altijd wat Jezus doet of waarom Hij de dingen laat zoals ze zijn, maar je kunt er zeker van zijn dat Hij alles in de hand heeft.
 
De mensen brachten alle zieken naar Jezus toe en vroegen om genezing. 'Ze smeekten hem alleen maar de zoom van zijn kleed te mogen aanraken. En iedereen die dat deed werd genezen en was volkomen gezond' (Matteüs 14:36).
 
In het volgende gedeelte (15:1-9) daagt Jezus de Farizeeën uit om te laten zien wat zich in hun harten afspeelt (v.8). Zij spreken Jezus erop aan dat zijn leerlingen breken met de tradities. Maar Jezus draait de situatie om.
 
In de Schriften staat duidelijk dat we moeten zorgen voor onze familie, vooral voor onze ouders, en dat dit heel belangrijk is. De Farizeeën hadden valse redenen verzonnen waarom het geld dat hieraan besteed zou worden eigenlijk van God was en dat het daarom niet kon worden gebruikt om hun eigen ouders te eren en te helpen (15:5).
 
Jezus beschuldigt hen van hypocrisie. Het woord 'hypocriet' betekent letterlijk 'iemand die een masker opzet in een toneelstuk'. Hun masker eert God met de lippen, maar in werkelijkheid is 'hun hart ver van [Hem]' (v.8). God vindt je hart veel belangrijker dan je lippen.
 

Heer, vandaag aanbid ik U als de Zoon van God. Dank U dat ik niet bang hoef te zijn. Als het mis gaat, kan ik met U praten en U hoort mijn gebed.
 

3. Praat met God uit de grond van je hart

Uiteindelijk liep het goed af met Jozef, maar aanvankelijk niet. Hij had in de put gezeten (37:24) en in de gevangenis (39:20), maar uiteindelijk woonde hij in een paleis (45:16).
 
Net als zoveel mensen in de Bijbel (Jezus, Johannes de Doper, Ezechiël en de priesters en Levieten die dienst deden in de tempel (zie Numeri 4)) begon Jozef zijn levenswerk toen hij 30 jaar oud was (41:46). Tot die tijd was Jozef in opleiding geweest. Nu krijgt hij 'het gezag over heel Egypte' (v.41).
 
God had Jozefs hart gezien in al zijn ellende. Van zijn zeventiende tot zijn dertigste jaar moet Jozef zich hebben afgevraagd waar God mee bezig was. Hij had zoveel meegemaakt: afwijzing, lijden, onrecht, gevangenschap, teleurstelling en andere beproevingen. Maar al die tijd had God hem voorbereid op 'het gezag over heel Egypte' (v.41).
 
God wist dat Hij Jozef kon vertrouwen, omdat hij zijn hart op de juiste plek had. In al zijn beproevingen was hij dicht bij de Heer gebleven. Dat is waar het om gaat. Niet of je je in een periode van strijd of zegen bevindt, maar of je dicht bij de Heer blijft en met Hem communiceert vanuit je hart.
 
Jozef noemde zijn twee zoons Manasse ('God heeft me al mijn ellende doen vergeten', v.51) en Efraïm ('God heeft me vruchtbaar gemaakt', v.52). Het gemeenschappelijke in deze namen is dat God dingen voor hem heeft gedaan. Jozef erkent dat God alles in de hand heeft, zowel in de ellende (Manasse) als bij het succes (Efraïm).
 
Laat je hart niet verbitterd zijn in slechte tijden en niet opschepperig in goede tijden. Erken dat God heerst over jouw leven en over alles wat je meemaakt.
 
In tegenstelling tot Jozef moesten zijn broers leven met hun bedrog en schuldgevoel (42:21 ev.). 'Dit is onze straf omdat we ons niets hebben aangetrokken van de smeekbeden van onze broer (...) Daarom zitten we nu in de ellende' (v.21). Ze hadden het hart niet meer (v.28) maar met hun lippen zeiden ze dat ze eerlijke mensen waren (v.31).
 
Uiteindelijk kwamen al Jozefs dromen uit. Ondanks alles wat hij had doorstaan bleef hij vertrouwen op God en bleef hij Hem trouw. Aanvankelijk ging het niet goed met Jozef, maar uiteindelijk wel.
 
Laat nooit de dromen varen die God je heeft gegeven. Zelfs als je in de put zit of, zoals Jozef, in de gevangenis, uiteindelijk kun je in een paleis wonen. Joyce Meyer schrijft: 'Waar je ook bent begonnen, je kunt altijd goed eindigen (...) Zelfs als je vandaag in de put zit, kan God je eruit halen en geweldige dingen met en door je doen.'
 

Heer, help me oprecht en eerlijk te leven. Laat mijn lippen en hart dezelfde boodschap uitdragen. Ik wil in alle eerlijkheid uit de grond van mijn hart met U praten. Dank U dat U mijn hartenkreet hoort.
 

Pippa's bijdrage

De hoogte- en dieptepunten van het geloof


Petrus heeft eerst een blindelings vertrouwen waardoor hij op het water kan lopen, maar zinkt vervolgens weg in angst als hij naar de golven kijkt.
 
Jozef maakt een ontwikkeling door van vergeten gevangene naar regent van het machtigste land van zijn tijd.
 
Jozef was klaar voor zijn plotselinge promotie tot machthebber. Hij redde duizenden van de hongerdood en voorkwam dat de economie instortte. We hebben meer mensen als Jozef nodig die God vrezen, profetische gaven hebben en goede leiders zijn met de capaciteiten om een reddingsplan uit te voeren.
 

Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2018 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.