Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
afbeelding van Bible In One Year | bijbeljaar.nl
 Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

Uw koninkrijk kome 

18 januari - dag 18

Hare Majesteit koningin Elizabeth II regeert al 65 jaar over het Verenigd Koninkrijk. Ze is nu de langstzittende Britse monarch. Elk jaar houdt de koningin op Eerste Kerstdag een toespraak voor het volk. Vorig jaar zei ze: “Jezus Christus leidde het grootste deel van zijn een onopvallend bestaan en ging nooit ver van huis. Hij werd door velen verguisd en afgewezen, hoewel Hij niets verkeerd had gedaan. En toch hangen miljarden mensen nu zijn leer aan en vinden in Hem de leidraad voor hun leven. Ik ben één van hen.”
 
In 2015 citeerde ze het evangelie van Johannes en zei dat het licht van Jezus de donkere momenten heeft overwonnen en ons inspireert om, waar en wanneer we maar kunnen, liefde te verspreiden in plaats van wraak te nemen met geweld.
 
De koningin van het Verenigd Koninkrijk wees naar een ander koninkrijk, een koninkrijk dat Jezus heeft gevestigd met zijn komst en waarnaar Hij zal terugkeren om te heersen. Jezus heeft ons leren bidden: 'Uw koninkrijk kome' (Matteüs 6:10, NBG). Het koninkrijk van God is de heerschappij van God.

1. Smeek om de transformatie van onze maatschappij

De HEER is koning voor eeuwig en altijd' (v.16a). God heeft alles in dit universum in de hand. Toch schreeuwt de psalmdichter het uit tot God: 'Sta op, HEER, hef uw hand' (v.12a). Hij smeekt God om zijn koninkrijk op aarde. Als God zijn hand heft, kunnen slechte mensen de verdrukten niet meer met geweld onderdrukken (v.18a, HB).
 
De psalmdichter bidt in het bijzonder voor bepaalde groepen mensen. Hij bidt voor:

  • armen (v.12)
  • mensen met pijn (v.14)
  • mensen met verdriet (v.14)
  • weerlozen (v.14)
  • wezen (v.14,18)
  • verdrukten (v.18)
  • onderdrukten (v.18) 

Als je Gods koninkrijk en de transformatie van de maatschappij wilt verwezenlijken, moet je je juist om deze bevolkingsgroepen bekommeren.
 

Heer, dank U dat U Koning bent. Ik draag alle mensen in nood aan U op... Uw koninkrijk kome.
 

2. Blijf vertellen over Jezus

Telkens als je iemand vertelt over Jezus en het evangelie, plant je een zaadje in hun hart. Niet elk zaadje dat je plant zal vrucht dragen, zoals we lezen in de gelijkenis van de zaaier. Sommige zaden schieten geen wortel (v.19). Andere zaden komen wel op, maar groeien maar kort. We kunnen God uit het oog verliezen door dagelijkse beslommeringen en de verleiding van de rijkdom (v.22).
 
Maar als het zaad wortel schiet, laten deze gelijkenissen zien dat je een enorme invloed kunt hebben. 'Maar er zijn ook mensen die lijken op het zaad dat in goede grond valt. Dat zijn de mensen die het nieuws over God horen en het begrijpen. Zij leven zoals God het wil. Zij lijken op het goede zaad, dat koren oplevert met wel honderd of zestig of dertig graankorrels' (v.23, BGT).
 
Als ik kijk naar het leven van mensen die Alpha vijf, tien of vijftien jaar geleden hebben gevolgd, zie ik dat zij een geweldige invloed hebben gehad. Sommige van hen hebben zelfs hun leven in dienst gesteld van God en hebben wereldwijd invloed.
 
Jezus vertelt veel gelijkenissen over het koninkrijk van God (Matteüs noemt het meestal het koninkrijk van de hemel, in navolging van de Joodse gewoonte om 'hemel' te zeggen in plaats van ‘God’).
 
Het koninkrijk is er 'nu al' en ook 'nog niet'. De gelijkenis over het onkruid laat zien dat het koninkrijk een toekomstig aspect heeft. Op dit moment groeien de tarwe en het onkruid samen op. Op een dag zal er geoogst en geoordeeld worden. Bij de terugkomst van Jezus zal het koninkrijk van God in al zijn glorie bij ons zijn (vv.24-30).
 
Dan zegt Jezus: 'Het koninkrijk van de hemel lijkt op een zaadje van de mosterdplant dat iemand meenam en in zijn akker zaaide. Het is weliswaar het kleinste van alle zaden, maar het groeit uit tot de grootste onder de planten. Het wordt een struik, en de vogels van de hemel komen nestelen in de takken' (vv.31-32).
 
Het beeld van vogels in bomen komt een aantal keer voor in het Oude Testament, waar het symbool staat voor mensen van alle volkeren die deel worden van het gezin van God (zie Ezechiël 17:22-24; 31:3-14; Daniël 4:9-23). Jezus herinnerde zijn toehoorders eraan dat het koninkrijk van de hemel niet voor slechts één volk is bedoeld, maar voor de hele wereld.
 
Er zijn veel verschillende soorten aanplant. Een enkeling of kleine groep 'plant' een andere groep en deze gaat groeien (Matteüs 13:32). Zo kan ook een kerk worden 'geplant' (v.54). Het zaaigoed is vaak maar klein, zoals een mosterdzaadje. Maar na het planten gaat het groeien (vv.31-32).
 
Als ik kijk naar enkele 'aanplantingen' vanuit onze plaatselijke kerk, zie ik een enorm effect in onze wijk. De vogels komen van alle kanten aanvliegen en nestelen in de takken (v.32). Er komen mensen Gods koninkrijk binnen die we nooit hadden verwacht, zoals de Joden de heidenen niet hadden verwacht. We zien overal ter wereld het effect van het 'planten' van kerken. Zoals Peter Wagner, expert op het gebied van groei van kerken, heeft gezegd: 'Kerken planten is de effectiefste manier van evangeliseren.'
 
Hierna vergelijkt Jezus het koninkrijk van de hemel met zuurdesem dat het hele deeg laat rijzen (v.33). Je kunt enorm veel invloed hebben: in je gezin, je familie, op school, de universiteit, je werkplek. Dit is hoe de transformatie van onze maatschappij in zijn werk gaat.
 

Heer, help me om zoveel mogelijk zaadjes te planten door het goede nieuws van Jezus aan de wereld te vertellen. Laat uw koninkrijk komen in mijn woonplaats, land en op heel de wereld.
 

3. Buig voor de allerhoogste Koning

Vandaag beginnen we aan het verhaal van Jozef. Israël hield meer van hem dan van zijn andere zonen (37:3) en daarom waren zijn broers jaloers (v.4). Jozef kreeg zijn beroemde dromen. Hij zag dat zijn broers zich voor hem bogen (vv.7,9).
 
Het lijdt geen twijfel dat God soms tot mensen spreekt in dromen. Dat deed Hij ook bij Jozef (vv.5,9). Door deze dromen kreeg Jozef een blik in de toekomst en zag hij wat God zou doen met zijn leven.
 
Het is alleen niet altijd slim om iedereen over je dromen en visioenen over je leven te vertellen. Jozef was zeventien jaar oud (v.2). Hij was onervaren. Hij maakte de fout om iedereen over zijn dromen te vertellen. Dit maakte dat zijn broers een nog grotere hekel aan hem kregen (vv. 5,8) en nog jaloerser werden (v.11). Zijn broers zeiden: 'Dacht jij koning te worden? Dacht jij over ons te kunnen regeren?' (v.8a, GNB). Het idee dat Jozef hun koning zou worden, stond hun helemaal niet aan.
 
Toen had hij nog een droom waarin hij hen allemaal voor zich zag neerbuigen (v.9). Zijn vader was verstandig en bleef nadenken over wat er gebeurd was (v.11). Als je niet weet wat je aanmoet met een droom of visioen waarvan je denkt dat die van God komt, is het verstandig om er eerst rustig zelf over na te denken (zie Lucas 2:19).
 
Maar Jozef was niet verstandig en vertelde zijn hele familie erover. Nu werden zijn broers zo jaloers dat ze hem wel konden vermoorden (Genesis 37:11). Ze beraamden een plan om hem te doden (v.18). Jozef werd verkocht aan de Midjanieten, die hem weer doorverkochten aan Potifar, een van de hovelingen van de farao, de commandant van de lijfwacht (v.36). Jozef kwam onder een andere koning van Egypte te staan. 
 
Omdat Jozef zo onverstandig was geweest om zijn broers te vertellen over zijn dromen, moest hij jaren van ontbering en moeilijkheden doorstaan. God gebruikte deze jaren om zijn karakter te vormen en hem voor te bereiden op zijn levenswerk.
 
Het koningschap waarover we lezen in het Oude Testament is een vooruitblik op het koninkrijk van God in het Nieuwe Testament. In het gedeelte voor vandaag zien we verschillende menselijke leiders, van de koningen en stamvorsten van Edom (36:31-43) tot de farao van Egypte (37:36). Een van de belangrijkste boodschappen in deze laatste hoofdstukken van Genesis is dat God boven en achter alle menselijke leiders staat. Dit wordt vooral duidelijk in het verhaal van Jozef.
 
De wendingen van het verhaal lijken soms erg vreemd en toevallig. Maar door het hele verhaal heen zien we Gods betrokkenheid (zoals in Jozefs dromen) en uiteindelijk ontdekken we dat alles is gebeurd om Gods doelen te verwezenlijken (50:20).
 
Jozef wijst vooruit naar Christus. Met andere woorden: zijn leven is een vooruitwijzing naar Jezus (zoals we in de komende dagen zullen lezen). Maar hier aan het begin zien we een contrast. Jezus wist ook hoe God Hem zou gebruiken, maar Hij was heel discreet en dacht goed na wie Hij hierover vertelde.
 
We zien in dit gedeelte ook het begin van de overeenkomsten tussen Jozef en Jezus. Op een dag zouden de mensen voor Jozef buigen (37:7,9) en op een dag zal elke knie zich buigen voor koning Jezus (Filippenzen 2:10, Openbaring 19:4,6).
 
Als je je knie vrijwillig buigt voor Jezus en Hem aanneemt als hoogste Koning in je leven, ben je minder bezig met de uitkomst van de verschillende machtsspelletjes met andere mensen in je leven, zoals docenten, bazen en de regering.
 

Heer Jezus Christus, allerhoogste Koning, dank U dat ik onder uw koningschap val als ik U volg. Ik buig mij vandaag voor U neer en belijd dat U de Heer bent. Laat uw koninkrijk komen.
 

Pippa's bijdrage

Genesis 36:1-37:36


Jakob heeft duidelijk behoefte aan opvoedadvies, zoals in het boek 'JONGleren'. Als je een van je kinderen voortrekt, krijg je problemen. Maar God gebruikt zelfs onze fouten om zijn doelen te bereiken.
 

Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2018 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.