Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
 Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

Het gezin

25 augustus - dag 237

Een drukbezette vader zocht een manier om zijn jonge dochter bezig te houden. Hij vond een wereldkaart in een tijdschrift en knipte deze in stukken. Hij gaf zijn dochter de stukken en zei tegen haar dat ze de kaart weer heel moest maken.
 
Na een paar minuten kwam ze terug en zei dat ze klaar was. Hij was heel verbaasd dat ze het zo snel voor elkaar had. Hij vroeg haar hoe ze het zo snel had gedaan. Ze zei: “Ik had gezien dat er op de achterkant een foto van een man en een vrouw stond. Ik dacht dat ik de wereld heel kon maken door de man en de vrouw weer heel te maken.” 
 
Het huwelijk en het gezinsleven zijn ongelofelijk belangrijk. Ze maken deel uit van Gods natuurlijke orde en zijn onmisbaar voor de samenhang in onze maatschappij. Paus Johannes Paulus II zei ooit dat het gezin de basis is van de samenleving en dat gezinnen de samenleving voortdurend voeden.
 
Nicky en Sila Lee hebben hun leven gewijd aan het versterken van het huwelijk en het gezinsleven. Hun cursussen en boeken over het huwelijk, 'Ik ook van jou', en ouderschap, 'JONGleren' , hebben grote invloed gehad op duizenden mensen in onze eigen kerk, maar ook wereldwijd. Een overheidsfunctionaris in een van de landen waar de cursussen worden gegeven zei tegen Nicky en Sila: “Een sterke samenleving is afhankelijk van sterke gezinnen en sterke gezinnen zijn afhankelijk van sterke huwelijken. Daarom vinden we uw werk zo interessant.”
 
In de Bijbel lezen we veel over het gezinsleven. We hebben niet alleen een natuurlijk gezin, maar als christenen zijn we deel van de kerk, die in het Nieuwe Testament het gezin van God wordt genoemd.

1. Kinderen en de volgende generatie

Elke generatie heeft de verantwoordelijkheid om na te denken over de toekomst en plannen te maken. We moeten ons niet alleen bezighouden met wat er in onze tijd gebeurt, maar ook met de volgende generatie. De psalmdichter vindt de volgende generatie belangrijk: 'Laat dit voor het nageslacht worden opgeschreven, dan zal een herboren volk de HEER loven' (v.19).
 
Jezus is de sleutel voor elke generatie. Het is interessant dat de schrijver van de brief aan de Hebreeën vers 26-28 van deze psalm citeert en toepast op Jezus (Hebreeën 1:10-12): 'Jezus Christus blijft dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid' (Hebreeën 13:8). 'In het begin hebt U de aarde gemaakt en ook de hemel was Uw werk' (Psalm 102:26, HB). Jezus zal er altijd zijn: '... maar U blijft Dezelfde. Aan Uw bestaan komt geen einde' (v.28, HB).
 
De psalm eindigt met deze hoop voor de volgende generatie: 'De nakomelingen van Uw dienaren kunnen veilig leven. Het volk dat uit hen voortkomt, zal altijd veilig onder Uw hoede blijven' (v.29, HB).
 
Dit is een gebed, hoop en tot op zekere hoogte ook een belofte. Iedereen is weliswaar verantwoordelijk voor zijn eigen leven, maar op een bepaalde manier ziet God de mensen als een gezin. We mogen hopen, bidden en geloven dat onze kinderen, kleinkinderen en hun nakomelingen in vrede zullen leven en dat Hij voor hen zal zorgen (v.29).


Heer, ik bid voor mijn eigen gezin en voor de gezinnen in de kerk, dat we in vrede mogen leven, dat onze kinderen U mogen kennen, liefhebben en dienen en dat U voor hen zult zorgen.
 

2. Het gezin en thuis

Buiten bij de Hillsong Church in Sydney, in Australië, staat een groot bord: 'Welkom thuis!' Brian en Bobbie Houston, de voorgangers van die gemeente, willen dat iedereen die naar de kerk komt, met open armen wordt ontvangen en net zo'n warm welkom krijgt als een gast in ons eigen huis.
 
We moeten terug naar het beeld van de kerk als huis, zoals beschreven in het Nieuwe Testament. De eerste christenen hadden natuurlijk geen kerkgebouwen. Zij kwamen bij elkaar in het huis van een van de gemeenteleden (v.19). Paulus schrijft aan de Korintiërs: 'Wanneer Timoteüs komt, zorg er dan voor dat hij zich bij u thuis voelt' (v.10a, GNB).
 
De kerk is Gods gezin. God is onze Vader. Paulus ziet de hele kerk als een gezin. Hij heeft het over andere christenen als over zijn 'broeders en zusters' (v.15). De kerk is geen organisatie waar je lid van wordt, het is een gezin waar je bij hoort.
 
Paulus was alleenstaand en had geen eigen gezin. Hij houdt van de Korintiërs en ziet hen als zijn gezin. Hij krijgt nieuwe kracht door bij hen te zijn (v.17). Aan het eind van zijn brief schrijft hij: 'Mijn liefde gaat uit naar u allen' (v.24). Hij verwacht van hen dat ze de Heer liefhebben (v.22) en elkaar liefhebben. Deze liefde moeten ze laten zien door elkaar te groeten met een heilige kus (v.20).
 
Dit is niet gewoon een leuke theorie; dit is heel persoonlijk. Hij kijkt ernaar uit om hen weer te zien (v.5). Hij weet dat ze hem zullen helpen (v.6). Hij wil niet maar een paar dagen bij hen blijven; hij wil langer blijven 'als de Heer het toestaat' (v.7). De boodschap die in Paulus' brieven naar voren komt, komt voort uit zijn liefde en zorg voor de mensen van de gemeente. Hij deed wat hij zei; hij deed alles met liefde (v.14).
 
De enige reden waarom Paulus niet eerder komt, is dat hij veel te doen heeft in Efeze en dat hij veel tegenwerking ondervindt (v.9). (Het lijkt wel alsof er extra veel tegenstanders opstaan als God de deur wijd open zet voor ons werk, v.9, WV.) Laat je door deze weerstand niet tegenhouden om je kansen te grijpen als deze zich voordoen.
 
Hierna vertelt hij over Timoteüs, die hij elders beschrijft als zijn zoon in de Heer (4:17). Daarna heeft hij het over zijn 'broeder Apollos' en 'Stefanas en zijn gezin' (v.15, WV). In het Nieuwe Testament lezen we dat het heel gebruikelijk was dat hele gezinnen zich samen bekeerden en lieten dopen.
 
Ook in dit gedeelte zien we een voorbeeld van een getrouwd stel dat samen werkt voor de Heer. Aquilla en Prisca geven leiding aan een gemeente in hun huis (v.19). Aquilla wordt hier als eerste genoemd. Maar elders noemt Paulus Prisca als eerste (zie Romeinen 16:3). Het is duidelijk dat ze samen leiding gaven aan de gemeente.
 
Het gezin van de kerk bestaat uit alleenstaanden, zoals Paulus, uit getrouwde stellen, zoals Prisca en Aquilla en uit hele gezinnen, zoals dat van Stefanas. Samen vormen we Gods gezin.
 
Wat Paulus schrijft, geldt voor ons allemaal: 'Pas op voor verkeerde ideeën, en blijf geloven in het goede nieuws. Wees sterk en houd moed. En behandel elkaar altijd met liefde!' (1 Korintiërs 16:13-14, BGT).
 

Heer, geef ons zoveel liefde voor elkaar dat we allemaal de rijkdom en nieuwe kracht ervaren als lid van het gezin van God, ongeacht of we alleenstaand of getrouwd zijn.
 

3. Ouders en kinderen

Goede ouders geven hun kinderen een grote voorsprong in het leven. Joas' vader stierf toen zijn zoon nog maar een baby was en Joas werd koning toen hij zeven was. Zijn moeder zorgde ervoor dat de priester Jojada voor hem zorgde (v.2). Het is duidelijk dat hij een goede opleiding kreeg en dat hij 'leefde zoals de HERE het wilde, zolang de priester Jojada in leven was' (v.3, HB). Joas had een gezin met zonen en dochters (v.3).
 
God had zijn zegen beloofd aan David en zijn familie. Het koningschap ging over van vader op zoon. Gods liefde was onvoorwaardelijk, maar iedereen was zelf verantwoordelijk voor de manier waarop hij reageerde op deze liefde. Het boek Mozes (waarschijnlijk een verwijzing naar 'de Wet', de eerste vijf boeken van het Oude Testament) wordt aangehaald ter ondersteuning van het feit dat 'ouders zullen niet sterven om wat hun kinderen hebben misdaan, en kinderen niet om de misdaden van hun ouders; alleen om wat iemand zelf misdaan heeft, zal hij sterven' (25:4).
 
Dit principe wordt hier uitgewerkt. Joas begon goed. Hij deed 'wat goed is in de ogen van de HEER' (24:2). Hij 'vatte het plan op om de tempel van de HEER te herstellen' (v.4). Iedereen hielp mee: 'Zowel de leiders als het volk brachten bereidwillig hun bijdrage, en zo raakte de kist vol' (v.10). 'Het gebouw werd tot zijn oorspronkelijke verhoudingen teruggebracht en waar nodig verstevigd' (v.13b). (Gebouwen voor de eredienst zijn belangrijk en kunnen worden hersteld als iedereen zijn steentje bijdraagt.)
 
Helaas eindigde het koningschap van Joas niet goed (vv.17-27). Het is zo belangrijk om dingen tot een goed einde te brengen en niet alleen maar goed te beginnen.
 
Helaas herhaalde dit patroon zich in het leven van zijn zoon Amasja. Ook hij begon goed (25:2), maar eindigde niet goed. Hij werd overmoedig (v.19) en werd de Heer ontrouw (v.27).
 

Heer, help ons om het goede voorbeeld te geven en ons leven tot een goed einde te brengen. Ik bid dat het gezinsleven weer de basis mag worden die onze samenleving voedt. Laat het aantal huwelijken stijgen en het aantal scheidingen dalen. Laat gezinnen weer sterk worden.
 

Pippa's bijdrage

2 Kronieken 24:1-25:28


Met goede raad kunnen jonge kinderen het heel ver schoppen. We moeten ze niet onderschatten.
 
Joas werd koning toen hij zeven was. Met de hulp van de priester Jojada, die hem met raad en daad bijstond, herbouwde hij de tempel. Zolang hij een goede raadgever aan zijn zijde had, aanbad het volk van Israël God. Maar helaas raakte hij het spoor bijster toen zijn raadgever overleed. Het is belangrijk dat we om raad blijven vragen en dat we alles doen wat nodig is om de volgende generatie te bemoedigen.
 

Vers van de dag
1 Korintiërs 16:13-14

'Pas op voor verkeerde ideeën, en blijf geloven in het goede nieuws. Wees sterk en houd moed. En behandel elkaar altijd met liefde!
Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2018 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.