Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
 Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

Op Gods wegen blijven

12 september - dag 255

Jaren geleden las ik over een voorval aan de Italiaanse Rivièra. Een jongeman reed in zijn sportwagen op een weg langs de kust. Het was een schilderachtige route. Maar de weg was verraderlijk.
 
Langs de hele weg stonden waarschuwingsborden. En toch dacht hij dat het een prima weg was. Er stond hem een ramp te wachten. Door een aardverschuiving was kort daarvoor een groot gat in de weg geslagen. De weg had afgesloten moeten zijn. Hij reed met grote snelheid. Hij negeerde alle waarschuwingsborden. Hij reed zo de afgrond in.
 
Soms weten we niet waar een weg heen gaat. Soms weten we heel goed waar de weg heen gaat, maar kiezen we er toch voor om de weg te blijven volgen.
 
Jezus heeft gezegd dat er een weg is die naar het leven leidt. Maar er is ook een weg die naar de ondergang leidt (Matteüs 7:13-14). De waarschuwingsborden zijn niet bedoeld als dreigement, maar zijn uit liefde neergezet. De borden langs de weg aan de Italiaanse Rivièra stonden er om de mensen te behoeden voor gevaar. De woorden van Jezus, het Nieuwe Testament en de hele Bijbel zijn bedoeld om ons op de weg naar het leven te houden.
 
Hoe weet je of je op de goede weg zit? En als je die weg eenmaal gevonden hebt, hoe blijf je die dan volgen?

1. Neem de 'goede weg'

'Dank de Heer, want hij is goed. Zijn liefde blijft altijd bestaan' (v.1, BGT). Gods bedoeling met jou is de beste die er is. God is goed. Hij houdt van jou. Hij wil het allerbeste voor jou. Hij heeft een weg uitgestippeld voor jouw leven.
 
Hij wil dat je zijn wegen volgt: 'Hij bracht hen weer op de goede weg, op de weg naar een stad om te wonen' (v.7, WV). Hij wil niet dat je jarenlang ronddoolt in de woestijn zonder een woonplaats te vinden. Hij wil niet dat je honger en dorst lijdt en wegkwijnt van uitputting (vv.4-5).
 
Het goede nieuws is dat je de Heer altijd te hulp kunt roepen (v.6a). Als je dat doet, geeft Hij je te eten en te drinken (v.9).
 
Dit is een psalm vol dankbaarheid voor Gods verlossing van zijn volk uit vele gevaren. Vier keer zegt de dichter: 'Ze riepen [schreeuwden] in hun angst tot de HEER' (vv.6,13,19,28). En telkens redde God hen.
 
Wat je in het verleden ook hebt gedaan, je mag altijd bij Gods volk horen. Het enige wat je hoeft te doen is God vragen om je te verlossen (v.2). Verlossing betekent dat God je bevrijdt. Jezus is gekomen om deze verlossing mogelijk te maken.
 
'... zij die door de HEER zijn verlost' moeten 'spreken' (v.2). Het is de bedoeling dat je anderen vertelt hoe de Heer je heeft gered.


Heer, dank U voor al die keren dat ik U in mijn angst te hulp riep en U mij hebt verlost uit mijn ellende. Ik vraag U, leid mij op de goede weg.
 

2. Volg de weg van de liefde

Paulus was vastbesloten om het goede te doen. Hij wilde het juiste spoor volgen (v.18).
 
Hij was vals beschuldigd. De 'geweldige apostelen' (v.11) hadden geprobeerd hem te ondermijnen. Als gevolg daarvan waren misverstanden ontstaan en kwam hij onder vuur te liggen van mensen die beter zouden hebben moeten weten. Absurd genoeg werd hij ervan beschuldigd dat hij geweigerd had geld aan te nemen van de Korintiërs omdat hij niet van hen zou houden (v.13).
 
Paulus zegt dat de reden waarom hij geen geld van hen had aangenomen was omdat hij hun niet tot last wilde zijn. Hij zegt: 'Het gaat mij niet om uw geld, maar om u. Niet de kinderen moeten voor de ouders sparen, maar de ouders voor de kinderen' (v.14b).
 
Juist vanwege zijn liefde voor hen zou hij hun alles en zelfs zichzelf hebben gegeven (v.15). Hij was altijd eerlijk en integer geweest (v.18). Alles wat hij deed was in hun belang (v.19). Het ging hem niet om hun geld en goederen. Het ging hem om hun ziel.
 
Net zoals Paulus het goede deed en op de goede weg bleef, wil hij dat de Korintiërs dat ook doen. Hij is bang dat sommigen de weg kwijt zullen raken: 'Ik ben bang haat en nijd onder u te vinden (woede-uitbarstingen, rivaliteit, achterbaksheid, roddel en hoogmoed) kortom: een grote verwarring' (v.20, HB).
 
Hij is bang dat hij bij zijn komst velen zal aantreffen 'die gewoon blijven zondigen en zich niet afkeren van hun onreinheid, hoererij en losbandigheid' (v.21, HB).
 
Keer deze dingen de rug toe als je de weg naar het leven wilt blijven volgen. De weg naar het leven is een weg van liefde, het soort liefde als die van Paulus voor de Korintiërs.
 

Heer, help me om altijd te handelen uit liefde en zorg voor anderen. Laat me nooit handelen uit eigenbelang. Laat de liefde mijn drijfveer zijn. Heer, houd me op uw wegen.
 

3. Vraag God naar zijn plan voor jou

Soms maken we onze eigen plannen of vragen we andere mensen om hulp. We raadplegen niet eerst God. Joyce Meyer zegt hierover: 'Als je een probleem hebt, grijp dan niet naar de telefoon, maar ga naar de troon!'
 
Jesaja heeft kritiek op de manier waarop het volk van God zijn plannen had gemaakt. Ze vroegen God niet om raad (30:1-2). En dus waren ze de verkeerde kant opgegaan. Ze waren richting Egypte vertrokken zonder God om raad te vragen.
 
Het probleem was dat ze Gods plan eigenlijk niet wilden horen. Hun aanbidding was alleen maar uiterlijk vertoon (29:13): '... jullie zeggen dat je mij wilt vereren. Maar jullie doen dat alleen met woorden, en niet met je hart. Jullie doen het alleen omdat andere mensen zeggen dat het zo hoort. Jullie hebben eerbied voor mij, maar alleen omdat het moet' (v.13, BGT).

Jezus zegt dat deze woorden niet alleen bedoeld waren voor de mensen uit de tijd van Jesaja. Hij zegt tegen de Farizeeën en schriftgeleerden: 'Huichelaars, wat is Jesaja's profetie toch toepasselijk op u: “Dit volk eert mij met de lippen, maar hun hart is ver van mij; tevergeefs vereren ze mij, want ze onderwijzen hun eigen leer, voorschriften van mensen” ' (Matteüs 15:8-9).
 
Omdat ze diep in hun hart God niet toebehoren, doen ze de grootste moeite om hun plannen voor de Heer te verbergen: 'Er zijn mensen in het land die alles in het geheim doen. Zij verbergen voor de Heer wat ze gaan doen. Ze zeggen: ‘Niemand kan ons zien, niemand weet wat wij doen!’ Maar met die mensen zal het slecht aflopen! Want zij doen alsof ze belangrijker zijn dan de Heer, die hen gemaakt heeft. Dat is hetzelfde als klei belangrijker maken dan de pottenbakker. Maar kan klei tegen de pottenbakker zeggen: ‘Jij hebt me niet gemaakt’? Kan een vaas tegen de pottenbakker zeggen: ‘Dat had beter gekund’? Nee!' (Jesaja 29:15-16, BGT).
 
Het gevolg hiervan is dat ze plannen bedenken zonder God om hulp te vragen. Ze 'maken afspraken met andere volken, terwijl ik dat niet wil. (...) Jullie gaan naar Egypte zonder mij om raad te vragen' (30:1b-2a, BGT).
 
Het volk wil niet 'luisteren naar het onderricht van de HEER. Tegen de zieners zeggen zij: 'Voor ons geen visioenen!' en tegen de schouwers: 'Schouw niet naar waarheid. Spreek leugens tegen ons en valse profetieën. Verlaat de juiste weg, wijk af van het rechte spoor. Val ons niet lastig met de Heilige van Israël' ' (vv.9-11).
 
Ze willen niet dat de profeten hen waarschuwen. Ze slaan alle waarschuwingen in de wind. Sterker nog, ze willen de waarschuwingsborden langs de weg weghalen en de goede weg verlaten, en dat de profeten afweken van het rechte spoor (v.11). Ze zeggen: 'Op onze paarden gaan we er zo snel mogelijk vandoor' (v.16, BGT).
 
Soms heb ik er ook wel eens een puinhoop van gemaakt door God niet om raad te vragen en gewoon mijn eigen gang te gaan.
 
Dit gedeelte biedt gelukkig ook de hoop dat iedereen zal begrijpen wat God doet, zelfs mensen die de weg kwijt zijn (29:24). God zegt: 'Alleen door naar Mij terug te keren en op Mij te wachten, kunt u worden gered; in rust en vertrouwen ligt uw kracht' (30:15, HB).
 
God wil jou zegenen: 'En toch wacht de HEER op het ogenblik dat hij jullie genadig kan zijn; toch zal hij zich oprichten om zich over jullie te ontfermen. Want de HEER is een God van recht. Gelukkig [gezegend] de mens die op hem wacht' (v.18).


Heer, ik wil weten wat uw plannen zijn. Help me om uw stem te horen. Help me om naar U terug te keren en op U te wachten, om uw wegen te bewandelen 'in rust en vertrouwen' (v.15).
 

Pippa's bijdrage

Psalm 107:4-7


'Soms doolden zij door de woestijn, maar een weg in de wildernis, een stad, een woonplaats vonden ze niet (...) Ze riepen in hun angst tot de HEER – hij heeft hen bevrijd uit vele gevaren, hij wees hun de rechte weg, de weg naar een stad, een woonplaats.'
 
Duizenden mensen ontvluchten oorlogsgebieden, wanhopig op zoek naar veiligheid, vaak met kleine kinderen. Veel van hen sterven onderweg. Om hen in ons land op te vangen hebben we barmhartigheid en wijsheid nodig zodat we ze zo goed mogelijk kunnen helpen hun trauma te verwerken en een nieuw leven op te bouwen.
 

Vers van de dag
Psalm 107:2

'Let the redeemed of the LORD tell their story...'
Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2018 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.