Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

De overvloed van de zegen

26 maart - dag 85

Moeder Teresa heeft ooit een interview gegeven aan het tijdschrift 'Hello!'. Men vroeg haar: “Zijn het alleen de rijken die geven?”
 
Zij antwoordde: “Nee hoor, zelfs de allerarmsten geven. Een tijdje geleden kwam er een heel arme bedelaar naar me toe die tegen me zei: “Iedereen geeft aan u en ik wil u ook twintig paisa geven.” (Dat is ongeveer 2 cent.) Ik dacht bij mezelf, wat zal ik doen? Als ik het aanneem, heeft hij niets te eten, maar als ik het niet aanneem, stoot ik hem voor het hoofd. En dus nam ik zijn gift aan. Hij was zo blij! Hij had iets gegeven aan moeder Teresa van Calcutta om de armen te helpen. Door te geven voel je je goed en kom je dichter bij God. Je krijgt er zoveel voor terug.”
 
Vrijgevigheid is niet alleen een mooie menselijke eigenschap. Het is een van de kernwaarden van ons geloof. C.S. Lewis heeft gezegd dat christen-zijn 'een soort geven' is. God stort zijn overvloed over ons uit in Jezus (Johannes 3:16) en wij worden op onze beurt geroepen om te geloven en gul en grootmoedig te zijn tegenover anderen. Alle gedeelten voor vandaag gaan over zegeningen en vloeken. De sleutel tot zegen is vrijgevigheid; 'de oprechte mens bekommert zich om een ander en geeft wat nodig is' (Psalm 37:21, HB).

1. Wees gul en ruimhartig, altijd


Sommige mensen zijn 'gevers', andere 'nemers'. Volgens David is dit een belangrijk verschil tussen de 'rechtvaardigen' en de 'zondaars': 'De zondaar vraagt te leen en brengt niet terug, de rechtvaardige geeft, uit mededogen'. Wie geeft, zal gegeven worden.
 
Vrijgevigheid is niet iets eenmaligs, het is een manier van leven. 'De rechtvaardige geeft almaar uit goedheid weg' (v.21b, WV). Een mens die zo leeft, is de Heer 'welgevallig' (v.23). Al krijg je te maken met problemen en struikel je, je zult niet blijven liggen (v.24). God belooft dat Hij jou en je kinderen zal zegenen (vv.25-26).
 
In de huidige wereld zien we veel 'kinderen die zoeken naar brood' (v.25c). Achter deze psalm ligt het visioen dat het hele volk van God in stand wordt gehouden door wederzijdse vrijgevigheid: geven en ontvangen. Het waren de mensen die God volgden en gul gaven aan de armen die geholpen werden toen ze het nodig hadden. Of het nu ging om financiële of andere hulp, de rest van de gemeenschap stond hen bij in moeilijke tijden.
 
Tegenwoordig is er grote nood, dichtbij en ver weg. God wil dat zijn mensen naar elkaar omzien door te geven wat nodig is (v.21, HB). Grijp elke kans om gul te geven en je zult de overvloed van Gods zegen ervaren.


Heer, dank U voor uw geweldige beloften aan mensen die geven met gulle hand. Help me om nooit tevreden te zijn met wat ik geef maar er altijd naar te streven om nog guller en ruimhartiger te zijn.
 

2.  Wees gul voor iedereen


Jezus bad de hele nacht tot God. God liet Hem zien hoe Hij zijn leerlingen moest kiezen. Hij kreeg ook de kracht om zieken te genezen 'en de hele menigte probeerde hem aan te raken, want er ging een kracht van hem uit die allen genas' (v.19).
 
Jezus vergelijkt de mensen die handelen uit eigenbelang (de nemers) met de mensen die gul van geest zijn (de gevers).
 
Een leven dat gericht is op rijk worden, overvloed, veel oppervlakkig gelach en het najagen van een goede reputatie is eigenlijk leeg (vv.24-26). Uiteindelijk voel je je ontevreden en hongerig (v.25).
 
De zegenrijke weg is compleet anders. Dat is de weg van de vrijgevigheid. Het kan zijn dat je armoede en honger lijdt, dat je moet huilen, dat je gehaat, buitengesloten, beledigd en afgewezen wordt (vv.20-22). Toch geeft deze weg voldoening ('je zult verzadigd worden', v.21) en vreugde ('je zult lachen', v.21).
 
Jezus vraagt ons om altijd gul en grootmoedig te zijn voor onze vijanden: 'Je moet van je vijanden houden (...) En als iemand je jas afpakt, geef hem dan ook je hemd' (vv.27–29, BGT).
 
Wees gul voor iedereen; 'Geef aan ieder' (v.30). Dit is een gulle levenshouding; 'zonder iets terug te verwachten' (v.35a).
 
Het enige wat Jezus van ons vraagt is om de gulheid van God te imiteren: 'Wees goed voor iedereen. En leen geld uit zonder het terug te verwachten. Dan zullen jullie een grote beloning krijgen, en jullie zullen kinderen van God zijn. Want ook God zelf is goed voor mensen die ondankbaar en slecht zijn' (v.35, BGT).
 
Ruimhartig zijn voor je vijanden betekent niet alleen dat je hen vergeeft, maar ook dat je hen zegent en goed voor hen bent. Je mag geen kwaad van hen spreken, ook al vind je dat ze het verdiend hebben. Je moet voor hen bidden, hen zegenen en goede dingen over hen zeggen. Nelson Mandela heeft gezegd: 'Wraakzucht is als gif dat je zelf inneemt in de hoop dat het je vijanden zal doden.' Wees liever gul en ruimhartig voor iedereen, net als God (v.36).
 

Vader, help me om mijn vijanden lief te hebben, om goed te doen voor hen die mij haten en te zegenen wie mij vervloeken. Help me om te bidden voor hen die mij slecht behandelen. Help me om barmhartig te zijn, zoals U barmhartig bent.
 

3. Wees vrijgevig, net als God


Ook in dit gedeelte zien we het thema van zegen en vloek (22:6c) en de tegenstelling tussen 'nemen' en 'geven'. We lezen hoeveel God zijn volk geeft. Hun leven was niet gemakkelijk. Als je al een tijd christen bent, heb je waarschijnlijk perioden als deze meegemaakt. Ze moesten door de 'woestijn', het 'dal' en de 'wildernis' (21:18-20, HSV). Je kunt de reis zien als een symbool voor moeilijke perioden in het leven; dorre stukken, dieptepunten en vruchteloosheid.
 
Maar God geeft water (v.16). Jezus zei: '... wie het water drinkt dat ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat ik geef, zal in hem een bron worden waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft' (Johannes 4:14).
 
Sichon daarentegen, was geen gever. Hij was gierig: 'Sichon weigerde Israël doortocht te verlenen' (Numeri 21:23a).
 
Ook Bileam was een nemer. Hij wilde de 'beloning voor de waarzegger' (22:7). Hij wordt in het Nieuwe Testament veroordeeld, omdat hij 'uit was op het geld dat hij met onrecht kon verdienen' (2 Petrus 2:15, GNB). De fout die Bileam maakte, was dat hij 'zich voor geld over[gaf] aan bedrog' (Judas 1:11).
 
De Israëlieten maken God en Mozes verwijten (Numeri 21:4-5). God had zoveel voor hen gedaan, maar nog waren ze niet tevreden en kwamen ze tegen Hem in opstand. Hun opstand kon niet ongestraft blijven en daarom stuurde God giftige slangen op het volk af (v.6). Gods was van plan om het volk uiteindelijk te verlossen en te zegenen en hun relatie met Hem te herstellen.
 
Ze biechtten hun zonden op en 'de HEER zei tegen hem [Mozes]: 'Laat een slang maken en bevestig die op een staak. Iedereen die gebeten is en daarnaar kijkt, blijft in leven.' Mozes liet een koperen slang maken en bevestigde die op een staak. En iedereen die door een slang gebeten was en opkeek naar de koperen slang, bleef in leven' (vv.8-9).
 
Als Jezus vertelt over dit incident in de woestijn, zegt Hij: 'De Mensenzoon moet hoog verheven worden, zoals Mozes in de woestijn de slang omhooggeheven heeft, opdat iedereen die gelooft, in hem eeuwig leven heeft' (Johannes 3:14-15). Jezus verwijst hier natuurlijk naar zijn dood aan het kruis (12:32-33).
 
God zorgt in zijn goedheid voor het offer waardoor jij vergeving kunt ontvangen. De opgeheven slang in de dagen van Mozes gaf iedereen die ernaar opkeek en geloofde het aardse leven. De opgeheven gekruisigde Christus geeft iedereen die naar Hem opkijkt en in Hem gelooft het eeuwige leven. Vergeving is niet iets dat je kunt verdienen. Het eeuwige leven is een geschenk, maar je moet er wel voor kiezen om dat geschenk aan te nemen. Geloven is een kwestie van Gods geschenk willen aannemen (Johannes 3:15).
 
Charles Haddon Spurgeon was een van de beste en invloedrijkste sprekers van de negentiende eeuw. Hij beschreef zijn eigen bekering als volgt. Als tiener hoorde hij iemand zeggen: 'Kijk naar Jezus Christus. Kijk! Kijk! Kijk! Je hoeft alleen maar te kijken en te leven.'
 
'Net als toen de bronzen slang werd opgeheven, en de mensen alleen maar hoefden te kijken om genezen te worden, zo ging het ook met mij. Toen ik dat woord 'Kijk!' hoorde, vond ik dat zo'n mooi woord! Ik bleef maar kijken, ik keek het mooie er bijna vanaf (...) Ik had op dat moment kunnen opstaan en met de grootste enthousiastelingen kunnen meezingen over het kostbare bloed van Christus en het eenvoudige geloof dat alleen naar Hem kijkt.'
 
Dit is Gods goedheid. Jouw opdracht om goed te doen komt voort uit Gods goedheid voor jou. Paulus schrijft: 'Laten we God danken voor zijn onbeschrijfelijk geschenk' (2 Korintiërs 9:15).
 

God, dank U voor uw onvoorstelbare goedheid voor mij, dat U mij een weg terug naar U geeft. Help mij om elke dag naar U te kijken en te vragen om vergeving. Help me om mij te laven aan uw levende water dat mij in leven houdt. God zij dank voor zijn onbeschrijfelijk geschenk!
 

Pippa's bijdrage

Numeri 21:4-22:20


Het leven van het volk van God lijkt me niet erg gemakkelijk. Ik geloof niet dat ze de hele dag lekker buiten speelden in de zon. Overal lagen problemen op de loer: honger, dorst, vijandige buren en nu slangen. (Ik ben bepaald geen fan van slangen.) Mark Twain zei ooit: 'Het leven is niets meer dan een opeenvolging van [dekselse] dingen.' God houdt de moeilijkheden niet bij ons vandaan, maar helpt ons om ons erdoorheen te worstelen.
 

Vers van de dag
Lucas 6:31

'Behandel anderen zoals je wilt dat ze jullie behandelen.'
Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2018 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.