Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

Transformeer je wereld

2 juli - dag 183

Mijn nieuwe vriend Dez uit Schotland zei tegen me: “Ik was een uitsmijter. Ik was best gewelddadig. Ik gebruikte veel drugs. Ik was verslaafd aan de cocaïne. Mijn leven draaide om vechten, drugs, feesten en omgaan met dat soort mensen.”
 
Hij zei: “Op een avond had ik een enorme overdosis genomen. Ik dacht dat ik een hartaanval had. Mijn hart ging als een dolle tekeer. Ik bad dat ik mocht blijven leven. Toen ik de volgende dag wakker werd zwoer ik alle drugs af.”
 
Daarna bleef Dez omgaan met christenen. Een van hen was Fiona, die haar geloof echt in praktijk bracht. Hij vroeg haar een paar keer uit, maar ze zei steeds nee. Haar belangrijkste reden was dat hij niet christelijk was.
 
Ze gaf hem een Bijbel en hij begon erin te lezen: “Ik begon er in te lezen op zoek naar iets en vond Jezus. Opeens had mijn hele leven zijn.”
 
Hij belde Fiona en vroeg haar of ze hem een keer mee wilde nemen naar de kerk. Daar hoorde hij over Alpha. “Tijdens Alpha leerde ik Jezus kennen en dat veranderde mijn leven. Ik was een drugsverslaafde, gewelddadige man en nu hield ik van mensen en van God. Ik vertel graag mijn verhaal.”
 
Dez is net klaar met zijn studie Theologie en werkt voor Alpha Scotland.
 
En hij is inmiddels getrouwd met Fiona en hij en ze hebben een baby van 11 maanden.


Dez vat de ommekeer in zijn leven als volgt samen: “Jezus heeft de vragen die had over het bestaan van God veranderd in het geloof dat God om mij geeft.  Ik ben veranderd van een gewelddadige, liefdeloze drugsverslaafde in een liefdevolle, gelukkig getrouwde man. Ik organiseer nu Alpha voor allerlei mensen, van leden van  jeugdebendes tot oude omaatjes en ik zie hun levens veranderen.”
 

1. Bid voor de transformatie van de maatschappij

Dingen kunnen veranderen. God kan het leven van mensen ingrijpend veranderen. Hij kan ook zorgen voor een ommekeer in de samenleving, in steden en landen.
 
In de zesde eeuw voor Christus werd het volk van God in ballingschap weggevoerd: 'God, vreemdelingen hebben uw land veroverd. Ze zijn met geweld uw heilige tempel binnengegaan, en ze hebben Jeruzalem verwoest (...) Nu lachen de andere volken ons uit, ze beledigen ons en spotten met ons' (vv.1,4, BGT). Als de psalmdichter nadenkt over de vernietiging van de tempel en de ballingschap, begrijpt hij dat Gods naam is onteerd.
 
Als we zien hoe vandaag de dag in ons land kerkgebouwen worden gesloten en hoe Gods naam door het slijk wordt gehaald, is Gods volk ook nu het onderwerp van spot.
 
De psalmdichter bidt: 'Hoelang moet dit nog duren, HERE? Hoelang zal Uw toorn op ons blijven? Uw jaloezie branden als een vuur? (...) Kom naar ons toe met Uw vergeving en liefde; wij zijn zo zwak geworden. O God, Die ons bevrijdt, help ons toch terwille van U Zelf. Verlos ons en doe onze zonden weg terwille van Uw naam' (vv.5, 8-9, HB).
 
Dit is een wanhoopskreet. Maar ook een gebed vol geloof. God heeft de macht om de situatie om te keren. Durf te dromen over een tijd dat God je gebeden voor de samenleving verhoort: 'Wij zijn uw volk (...) wij zullen u prijzen tot in eeuwigheid' (v.13).
 

Heer, als we kijken naar onze steden en ons land, roepen we tot U om hulp. Laat in dit land uw naam weer worden geëerd.
 

2. Vertel over de ommekeer in je leven

Elke christen heeft een getuigenis over de ommekeer die Jezus in zijn of haar leven heeft gebracht. Misschien is deze niet zo dramatisch als de ommekeer in het leven van Dez of Paulus. Maar ook jouw verhaal over je relatie met Jezus heeft zeggingskracht.
 
Paulus zat weer eens in de problemen. Het volk was 'opgehitst' (21:27, WV). Mensen dachten dat Paulus iets verkeerds had gedaan (v.29) en ze probeerden hem te vermoorden (v.31). Ze sloegen hem in elkaar (v.32) en arresteerden hem (v.33). Hij werd geboeid met twee kettingen (v.33). Hij zag een gewelddadige mensenmassa tegenover zich (v.35). Hoe reageerde hij?
 
Hij vertelde hun over Jezus. Zoals hij al vaker had gedaan, vertelde hij over wat Jezus in zijn leven had gedaan. Dit is een heel goed voorbeeld van de manier waarop je je eigen getuigenis kunt geven als de gelegenheid zich voordoet. De Heilige Geest woont in jou en verandert ook jouw leven; Hij zorgt ervoor dat je steeds meer op Jezus gaat lijken (2 Korintiërs 3:18). Als je de gelegenheid krijgt om je verhaal te vertellen, wat moet je dan zeggen?

  • Vertel over hoe je eerst was

    Verplaats je in je toehoorders. Paulus verplaatst zich in zijn toehoorders. Hij spreekt Aramees (Handelingen 21:40). Hij benadrukt het deel van zijn leven dat het volk van Jeruzalem aanspreekt. Hij spreekt Joden toe en heeft het daarom alleen over zijn Joodse eigenschappen: 'Ik ben een Jood (...) Ik ben een vurig dienaar van God, en u allen geeft vandaag blijk van hetzelfde' (22:3).
     
    Paulus vertelt dat hij vroeger christenen vervolgde en liet opsluiten (v.4), dat hij ze liet geselen en gevangen liet zetten (vv.4-20) net zoals ze op dat moment met hem proberen te doen.
     
    Als je je getuigenis vertelt, is het belangrijk om raakvlakken met je publiek te zoeken. Zo beginnen mensen bij Alpha vaak met die delen van hun verhaal die anderen aanspreken of die ze mogelijk herkennen. Ze beginnen bijvoorbeeld met de woorden “Ik geloofde niet in God (...) ik was verslaafd aan alcohol of drugs (...) ik moest niets van de kerk hebben.”
     
  • Vertel wat er met je is gebeurd

    Paulus vertelt hierna uitgebreid wat hem is overkomen toen hij Jezus leerde kennen. Hij hoorde de stem van Jezus toen Hij voor hem verscheen op weg naar Damascus. Jezus stelde hem vragen en gaf hem opdrachten. Paulus luisterde en deed wat Jezus hem opdroeg.
     
    We moedigen mensen aan om hun bekering in heel concrete taal te vertellen, net als Paulus in dit gedeelte. Juist de details geven het verhaal zeggingskracht.
     
  • Beschrijf hoe je leven is veranderd door Jezus

    Ananias had tegen Paulus gezegd: 'Jij zult voor Hem bij alle mensen getuige zijn van wat je hebt gezien en gehoord. Wat aarzel je nu nog? Roep zijn naam aan, laat je dopen en was je zonden af' (vv.15-16, WV). Hij, die christenen had vervolgd, werd geroepen om het evangelie te verkondigen aan de heidenen (v.21).
     
    We moedigen mensen ook aan om in duidelijke taal te beschrijven hoe Jezus hun leven heeft veranderd. Zo'n verhaal heeft veel zeggingskracht. Door je verhaal te vertellen kun je meehelpen om de wereld om je heen te veranderen.

Heer, dank U voor de kracht van een persoonlijk getuigenis. Help me om altijd vol enthousiasme te blijven vertellen over de ommekeer die Jezus in mijn leven heeft gebracht.
 

3. Erken dat de verandering uit genade wordt gegeven

God heeft verschillende wonderen gedaan door Elisa. Wonderen met eten (4:38-44), een drijvend blad van een bijl (6:1-7) en verblinde Arameeërs (vv.8-23). Er werden niet alleen wonderen door hem verricht. Elisa had ook een bijzondere profetische gave: 'de profeet Elisa in Israël weet de koning van Israël zelfs te vertellen wat u in uw slaapkamer zegt' (v.12). Midden tussen deze verhalen lezen we over een opmerkelijke ommekeer in het leven van een Syrische bevelhebber.
 
'Naäman was de legerleider van de koning van Aram' (5:1, BGT). Maar hij had een probleem; hij leed aan huidvraat (v.1). Hij hoorde over de mogelijkheid van genezing door de kracht van God via een jong dienstmeisje (vv.2-4).
 
Hij was gewend dat hij alles kon krijgen vanwege zijn macht of kon kopen met zijn geld: 'Naäman ging op weg, met tien talent zilver bij zich, zesduizend sjekel goud en tien stel kleren' (v.5).
 
Toen hij uiteindelijk de boodschapper van Elisa ontmoette, kreeg hij te horen dat hij zich zeven keer moest baden in de Jordaan. 'Dan zal uw huid weer gezond worden en zult u weer rein zijn' (v.10). In eerste instantie werd hij kwaad en maakte rechtsomkeert (vv.11–12). Hij had gedacht dat hij op grootse wijze genezen zou worden, niet dat hij zou worden vernederd. Je trots kan je in de weg zitten waardoor je niet kunt ontvangen wat God je wil geven.
 
Maar zijn bedienden praatten op hem in en hij dompelde zichzelf zeven keer onder in de Jordaan en 'zijn huid werd weer gezond, zo gaaf als de huid van een kind, en hij was weer rein' (v.14). Hij was compleet veranderd. Hij zegt: 'Ik wist wel dat er behalve in Israël in de hele wereld geen god is' (v.15).
 
Hij wil betalen voor zijn genezing. Maar Elisa wijst dit resoluut van de hand. Gehazi begaat de afschuwelijke fout een slaatje te willen slaan uit de genade van God (vv.19-27). Genezing en transformatie zijn een geschenk van God uit genade. Je kunt ze niet verdienen.
 

Vader, dank U voor uw wonderbaarlijke kracht om te genezen en te redden. Help me om dezelfde houding te hebben als Elisa en nooit op een of andere wijze zelf met de eer te willen strijken. Dank U dat U mijn leven verandert uit genade. Het is een geschenk dat U geeft uit liefde.
 

Pippa's bijdrage

2 Koningen 6:16


'Zijn meester antwoordde: “Wees niet bang, wij zijn met meer dan zij.” '
 
Als je het gevoel hebt dat je van alle kanten onder druk staat en wordt aangevallen, vergeet dan niet dat God je kan bevrijden met zijn machtige arm, ook als alles zich tegen je lijkt te keren.
 

Vers van de dag
2 Koningen 6:16

'Zijn meester antwoordde: “Wees niet bang, wij zijn met meer dan zij.” '
Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2018 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.