Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
afbeelding van Bible In One Year | bijbeljaar.nl
 Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

Richtlijnen voor het leven  

6 januari - dag 6

Pippa en ik hebben vaak haast en we zijn niet erg goed in het plannen van autoritten. We gaan vaak lukraak op weg en verdwalen regelmatig, zelfs met satellietnavigatie. Ik begrijp niet waarom het me zo lang heeft gekost om in te zien dat een goede routebeschrijving onmisbaar is en dat je deze ook moet volgen.
 
Zo vergaat het velen van ons in het leven. We storten ons vaak lukraak ergens in. We realiseren ons niet dat het belangrijk is om goede richtlijnen te krijgen voor het leven. Als we Gods richtlijnen voor het leven volgen, ontvangen we zijn zegen en kunnen we anderen tot zegen zijn.

1. Begin elke dag met wachten op aanwijzingen

Je kunt het beste de weg vragen voordat je op pad gaat.
 
In deze psalm zien we een mooi voorbeeld van hoe we de dag kunnen beginnen: 'Luister naar mijn hulpgeroep, mijn koning en mijn God, tot u richt ik mijn bede. In de morgen, HEER, hoort u mijn stem; in de morgen wend ik mij tot u en wacht' (vv.3-4). David wacht op instructies.
 
Het heeft iets extra's als je God je vragen voorlegt aan het begin van je dag. Je hele dag komt in een ander licht te staan terwijl je wacht op zijn antwoord (v.4, GNB).
 

Heer, vandaag leg ik mijn vragen aan U voor en wacht op uw aanwijzingen. Wijs me uw weg, o Heer. Bescherm me. Omring me met uw goedgunstigheid als met een schild (vv.9,12,13, WV).
 

2. Volg Jezus' richtlijnen voor het leven

Er zijn bepaalde algemene richtlijnen die gelden voor elke autorit. Dit zijn de verkeersregels. Jezus' richtlijnen in de Bergrede zijn als de Wegenverkeerswet voor een gezegend leven.
 
Als je de richtlijnen van Jezus wilt volgen, moet je radicale keuzes maken. Hij daagt je uit om elke verkeerde houding, elke verkeerde gedachte, elk verkeerd woord en elke verkeerde daad genadeloos uit te bannen.
 
Onze woorden moeten zegen brengen, geen kwaad doen. Ga niet in woede tekeer tegen je broeder of zuster (v.22). 'Ook wie kwaad wordt op een ander, moet gestraft worden. Ook wie een ander een dwaas noemt, moet voor de rechter komen. En wie een ander een gek noemt, komt in het eeuwige vuur' (v.22, BGT).
 
We krijgen de opdracht om alles te doen wat we kunnen om degenen met wie we ruzie hebben te zegenen (vv.23-26). Als je weet dat een ander een appeltje met je te schillen heeft, ga dan snel naar die ander toe om het goed te maken (vv.23-24, BGT). 'Stel dat iemand je voor de rechter wil brengen omdat je hem geld schuldig bent. Spreek dan snel met hem af hoe je dat gaat oplossen' (v.25, BGT).
 
We moeten goed in de gaten houden wat we doen met onze ogen en ons hart. Als we onze ogen en ons hart slechte dingen laten doen, zijn we anderen niet tot zegen, maar zijn we juist een bron van het kwaad.
 
Je moet een drastische daad stellen. Het gaat niet alleen om de daad van het overspel. Jezus zegt: 'Ook wie naar een andere vrouw kijkt en met haar naar bed wil, gaat vreemd. Want hij is in gedachten met haar vreemdgegaan' (v.28, BGT).
 
Jezus heeft het over het oog als het begin van overspel. We moeten de dingen radicaal anders doen om dit te vermijden (vv.29-30). In de woorden van Job: 'Ik had mezelf plechtig voorgenomen, niet naar de meisjes te kijken' (Job 31:1, GNB).
 
Het huwelijk is bedoeld als zegen voor het echtpaar en als bron van zegen voor anderen. Dit betekent dat je elkaar binnen het huwelijk onvoorwaardelijk trouw moet zijn (Matteüs 5:31-32). Jezus pleit tegen een echtscheiding uit egoïsme of in een opwelling: 'Je mag helemaal niet scheiden van je vrouw, behalve als ze zelf vreemdgegaan is' (v.32a, BGT).
 
We moeten volkomen oprecht zijn in het leven, wat betekent dat we zeggen wat we bedoelen en bedoelen wat we zeggen: 'Laat jullie ja ja zijn, en jullie nee nee; wat je daaraan toevoegt komt voort uit het kwaad' (v.37).
 
Zegen ook mensen die jou kwaad doen (vv.38-42). 'Stel dat iemand je een klap in je gezicht geeft, draai dan je hoofd naar de andere kant. Dan kan hij je nog een keer slaan' (v.39b, BGT). Goed met kwaad vergelden is van de duivel. Goed met goed vergelden is menselijk. Kwaad met goed vergelden is de weg van Jezus.

 

Heer, help me dit jaar om uw richtlijnen voor het leven te volgen en overal waar ik kom tot zegen te zijn.
 

Je vindt een uitgebreide uitleg en toepassing van de Bergrede (Matteüs 5-7) in Nicky Gumbels boek 'De uitdaging van een christelijke levensstijl' bij de Alpha Bookshop

3. Vertrouw erop dat God je stap voor stap de weg wijst

Als ik een lange autorit voor de boeg heb, vind ik het heel fijn als er iemand naast me zit die weet waar we heen moeten en die me stap voor stap vertelt welke kant ik op moet. Dat heb ik liever dan een navigatiesysteem. Tijdens onze reis door het leven biedt God aan om met je mee te gaan en je stap voor stap de weg te wijzen naar een gezegend leven.
 
Dit is een van de belangrijkste momenten in de Bijbel; God stelt zijn reddingsplan voor de mensheid in werking. In de voorgaande hoofdstukken hebben we gelezen dat de mens steeds meer ten prooi is gevallen aan de zonde en steeds verder afdwaalde van God. In deze verzen wordt de situatie plotseling omgekeerd en laat God zijn oplossing zien: Abraham!
 
God doet Abraham de volgende belofte: 'Ik zal u tot een groot volk maken, en u zegenen, en uw naam groot maken, en gij zult tot een zegen zijn. Ik zal zegenen wie u zegenen, (...) en met u zullen alle geslachten des aardbodems gezegend worden' (12:2-3, NBG).
 
God kiest één man uit en zegent hem, en vervolgens kiest Hij één volk en zegent dat, maar het is nadrukkelijk de bedoeling dat zij de zegen doorgeven (v.3b). Dit is een heel belangrijk punt om het Oude Testament te kunnen begrijpen. Dit is waarom God Israël heeft uitgekozen, zodat door dat volk de hele wereld gezegend zou worden.
 
Deze belofte wordt uiteindelijk vervuld in Jezus. Hij is de vervulling van alle beloften en hoop van Israël en dankzij Hem kunnen alle volken gezegend worden.
 
Dit doel heeft God voor jou voor ogen. Paulus schrijft: 'U ziet dus dat zij die geloven kinderen van Abraham zijn. Nu heeft de Schrift voorzien dat God ook andere volken door geloof zou aannemen en daarom aan Abraham verkondigd: “In jou zullen alle volken gezegend worden.” En dus wordt iedereen die gelooft samen met Abraham, de gelovige, gezegend' (Galaten 3:7-9).
 
De kerk is, net als Abraham en Israël, gezegend – niet voor zichzelf, maar om een bron van zegen te zijn voor de hele wereld. Als je gezegend bent door God, is dit niet alleen voor jezelf of dankzij jezelf; je wordt gezegend om anderen tot zegen te zijn.
 
God zegt tegen Abraham dat hij zijn land, zijn volk en het huis van zijn vader moet verlaten om op weg te gaan naar het land dat God hem zal laten zien (Genesis 12:1). Abraham volgde de aanwijzingen van God nauwgezet op, hij deed precies wat hem was opgedragen (v.4). Hij vertrouwde erop dat God hem stap voor stap zou vertellen wat hij moest doen. Hij wist van te voren niet wat de volgende stap zou zijn, maar hij vertrouwde op Gods beloften.
 
Dit heb ik ook ervaren in mijn leven. God laat ons zijn plan met ons in grote lijnen zien, maar de details vult Hij stap voor stap in. Leven in geloof betekent dat je zijn aanwijzingen stap voor stap volgt.
 
De reis verloopt niet altijd zonder problemen. Abraham was, net als wij, een mens met fouten. God zegende hem met grote rijkdom (13:2) en een 'bijzonder mooie vrouw' (12:14). Toch staat hij in een moment van zwakte toe dat de farao haar tot vrouw neemt in een poging de farao te bedriegen (vv.10-20).
 
Later ontstond er ruzie tussen de herders van Abraham en Lot (13:7). Abraham besluit dat de wegen van hem en zijn neef moeten scheiden (vv.8-11). Eigenlijk was het geen conflict tussen Abraham en Lot, maar tussen hun volgelingen, zoals vaak het geval is. Het is duidelijk dat relaties tussen mensen vaak aanleiding geven tot wrijving.
 
Lot koos het beste land, zodat het land dat er minder goed uitzag overbleef voor Abraham. Maar ook nu vertelt God Abraham wat hij moet doen. Hij zegt tegen hem: 'Kijk eens goed om je heen (v.14)
 
God zei: 'Al het land dat je ziet geef ik aan jou en je nakomelingen, voor altijd. En ik zal je zo veel nakomelingen geven als er stof op de aarde is: ze zullen even ontelbaar zijn als alle stofdeeltjes op de aarde. Je kunt overal heen gaan, want ik zal het land aan jou geven' (13:16-17, BGT).
 
Joyce Meyer schrijft: 'God wil niet dat we de moed verliezen, of gedeprimeerd of boos worden als mensen ons teleurstellen. Hij wil dat we opkijken, om ons heen kijken en erop vertrouwen dat Hij ons de weg zal wijzen naar betere omstandigheden. Hij wil dat we om ons heen kijken en onze zegeningen tellen in plaats van bezig te zijn met wat we niet hebben. Hij wil dat we onze ogen op Hem gericht houden, niet op het werk van de vijand, omdat het zijn plan is om ons te zegenen.'
 
Het is alleen vanwege zijn genade dat God Abraham deze onvoorstelbare zegeningen belooft. Het was Gods bedoeling dat Abraham de hele wereld tot zegen zou zijn. Dat geldt ook voor jou. God vraagt jou om onder zijn zegen te leven en een bron van zegen te zijn voor alle mensen om je heen.
 

We hebben allemaal iedere dag Gods leiding nodig bij elke moeilijke beslissing in dit leven. Als we een recht pad volgen, verspillen we geen tijd en energie met verdwalen: 'Leid mij (…) HEER, door uw gerechtigheid, maak effen de weg die u mij wijst' (Psalm 5:9).
 

Pippa's bijdrage


We hebben allemaal iedere dag Gods leiding nodig bij elke moeilijke beslissing in dit leven. Als we een recht pad volgen, verspillen we geen tijd en energie met verdwalen: 'Leid mij (…) HEER, door uw gerechtigheid, maak effen de weg die u mij wijst' (Psalm 5:9).
 

Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2018 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.