Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
afbeelding van Bible In One Year | bijbeljaar.nl
Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

Omgaan met confrontaties

2 mei - dag 122

Confrontaties vind ik bepaald niet makkelijk. Iemand ergens mee confronteren is een gevoelige aangelegenheid. Het is essentieel om het op de juiste manier aan te pakken en de juiste woorden te kiezen. Om het in golftermen te beschrijven: je moet weten welke club je moet gebruiken.
 
Mensen die goed zijn in het aangaan van confrontaties hebben een groot aantal verschillende manieren van aanpak en verschillende woorden tot hun beschikking. Bovendien weten ze precies wanneer en hoe ze die moeten gebruiken.
 
Een confrontatie is niet altijd de juiste oplossing. Zo hoef je niet de confrontatie aan te gaan met iedereen die kritiek op je heeft. Je hoeft ook niet elke verkeerde bewering te weerleggen.
 
Ik heb grote bewondering voor mensen die weten wanneer ze de confrontatie aan moeten gaan en hoe ze de confrontatie liefdevol kunnen laten verlopen. Ze hebben geleerd hoe ze de waarheid liefdevol kunnen brengen (Efeziërs 4:15, WV).
 
Wanneer moet je de confrontatie aangaan en hoe doe je dat?

1. De confrontatie met het kwaad aangaan in gebed

Er zijn kwade machten aan het werk in onze 'steden'. Over de hele wereld vinden bomaanslagen en terroristische aanslagen plaats in steden, van Bagdad tot Brussel.
 
Ook David had te maken met gewelddadige en verwoestende krachten in de stad (vv.9b,11a).
 
Terwijl David oog in oog staat met zijn 'vijand' en ze hem achternazitten in hun woede (v.4, WV), zegt hij: 'Had ik maar vleugels als een duif, ik zou opvliegen en neerstrijken, ver, ver weg zou ik vluchten, overnachten in de woestijn, haastig beschutting zoeken tegen de vlagen van de stormwind' (vv.7-9).
 
Het is zo verleidelijk om te vluchten en zo de confrontatie uit de weg te gaan. Maar we moeten de confrontatie met het kwaad aangaan. Je wordt aangespoord om niet te vluchten en je niet te laten overdonderen. Sterker nog, je wordt aangespoord om te blijven waar je bent en te doen wat je kunt. Paulus schrijft: 'Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede' (Romeinen 12:21).
 
In reactie op het geweld en de verwoesting vraagt David God om in te grijpen. Hij bidt: 'Breng hen in de war, Here, geef dat zij elkaar niet meer verstaan' (Psalm 55:10, HB). Gebed is een belangrijk onderdeel van onze reactie op 'terreur en bedrog' (v.12).
 
Gebed en actie gaan hand in hand. Je hebt ze allebei nodig. Ook al kun je geen praktische hulp bieden, je kunt altijd bidden. We weten dat God ingrijpt in reactie op onze gebeden.
 

Luister, God, naar mijn gebed, verberg u niet als ik om hulp smeek, sla acht op mij en geef mij antwoord' (v.2-3a). Help me om me niet te laten overwinnen door het kwaad, maar het kwade te overwinnen door het goede.
 

2.  Mensen liefdevol confronteren

Het is relatief eenvoudig en soms zelfs laf om mensen met iets te confronteren als ze niet zo sterk staan. Het vraagt moed om de confrontatie aan te gaan met mensen die een machtspositie ten opzichte van ons hebben, dankzij hun functie, status of rijkdom.
 
Jezus was heel goed in confrontaties. Hij ging ze nooit uit de weg. Maar Hij ging de confrontatie altijd aan uit liefde.
 
Nikodemus was een machtige man, een eerbare en integere Farizeeër en 'een van de Joodse leiders' (v.1). Jezus was niet onder de indruk van zijn positie. Hij confronteert Nikodemus op een liefdevolle manier en zegt dat hij opnieuw geboren moet worden (v.3); hij moet opnieuw beginnen, zijn oude wonden en gewoonten achter zich laten. De boodschap van Jezus gaat over verandering.
 
Nikodemus moet opnieuw geboren worden uit water en de Geest (v.5). Hij moet lichamelijk worden gereinigd en de Heilige Geest moet in hem komen wonen.
 
We kunnen God nu niet in persoon zien. Maar we zien wel bewijs van Gods betrokkenheid. Het is net als de wind die we niet kunnen zien, maar we horen de wind wel in de bomen en bladeren ruisen (v.8).
 
Jezus zegt dat het ook zo is met de Heilige Geest. Wij kunnen de Heilige Geest niet zien, maar we zien wel het effect dat de Heilige Geest heeft op het leven van mensen.
 
Jezus spreekt Nikodemus liefdevol aan op zijn overtuigingen. Hij gebruikt het beeld van een slang in de woestijn (uit Numeri 21) om te voorspellen dat Hijzelf aan het kruis zal worden genageld 'opdat iedereen die gelooft, in hem eeuwig leven heeft' (v.15).
 
Geloven betekent vertrouwen. Met elke relatie die we aangaan, nemen we een risico. We moeten de ander vertrouwen. In een dynamische relatie groeit het vertrouwen en blijft het bestaan.
 
Jezus onderwijst over Gods liefde. Het Griekse woord voor 'liefde' in vers 16, agape, komt alleen in het evangelie van Johannes al 44 keer voor. Dit vers is een samenvatting van het hele evangelie van Johannes en eigenlijk van het hele Nieuwe Testament: 'Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft' (v.16).
 
God bestaat en zijn liefde is groot genoeg om de hele mensheid, zonder onderscheid of uitzondering, te omarmen. Gods liefde is niet vaag of sentimenteel. Gods liefde is onmetelijk intens, zoals we kunnen zien aan zijn bereidheid om zijn enige zoon voor jou en mij op te offeren.
 
Er is zoveel chaos in de wereld en zoveel ellende. Mensen vragen vaak: “Waarom doet God er niets aan?” Het antwoord op deze vraag is dat Hij dat wel heeft gedaan. Hij is Zelf in de persoon van zijn zoon Jezus gekomen om voor jou te sterven aan het kruis en weer op te staan. Jezus weet wat lijden is. Hij heeft voor ons geleden en lijdt met ons mee.
 
Veel mensen geloven niet meer in een leven na de dood. Maar Jezus heeft beloofd dat we 'eeuwig leven' zullen hebben (v.15). Dit leven is niet het einde. Er is hoop na de dood. Jezus geeft jou het eeuwige leven.
 
Er is een groot verschil tussen confronteren en veroordelen. Jezus ging de confrontatie met mensen aan, maar veroordeelde hen niet. Jezus is niet gekomen om je te veroordelen, maar om je te redden van het oordeel (vv.17-18). Net als Jezus hebben wij de taak om een boodschap te verkondigen; niet over veroordeling, maar over het goede nieuws van de redding. Redding betekent iemand redden uit gevaar, bevrijden, de deuren van de gevangenis openen, genezen, helen.
 
Hierna heeft Jezus het over het licht dat de duisternis zichtbaar maakt en de confrontatie ermee aangaat (vv.19-20). Jezus lijkt te suggereren dat sommige mensen Hem afwijzen omdat ze slechte dingen doen (v.19). We willen niet in het licht staan, omdat we weten dat we dingen verkeerd doen en we deze dingen niet willen opgeven.
 
We willen niet dat andere mensen onze duistere kant zien. We verstoppen al onze duisternis achter onze ogenschijnlijke goedheid. De zonde verafschuwt het licht. Als we zondigen, willen we het licht van Jezus vermijden. We willen niet dat onze slechte daden aan het licht komen. Maar Jezus is gekomen om de confrontatie met de duisternis aan te gaan. We zijn misschien bang of schamen ons. Het is misschien ongelofelijk moeilijk, maar ook wij moeten de duisternis in ons leven onder ogen zien en ernaar streven om in het licht van Christus te leven. Christus houdt van je zoals je bent.
 
Martin Luther King heeft gezegd: 'Duisternis kan de duisternis niet verdrijven, dat kan alleen het licht. Haat kan haat niet verdrijven, dat kan alleen de liefde.'
 

Heer, dank U voor het voorbeeld van Jezus. Help me om te leven in het licht en geef me de moed om liefdevol de waarheid te spreken.
 

3. Tegenstanders confronteren met wijsheid

Veel conflicten kunnen voorkomen worden als mensen met elkaar zouden praten in plaats van over elkaar.
 
Vanwege een oprecht misverstand dacht de rest van Israël dat de tweeënhalve stammen (de nakomelingen van Ruben, Gad en de helft van de stam van Manasse) verkeerde dingen deden en ongehoorzaam waren aan God (22:12).
 
Ze trokken gelukkig niet meteen ten strijde maar waren zo verstandig om de stammen eerst in een gesprek te confronteren met hun daden. Toen werd duidelijk dat ze voor niets bang waren geweest.
 
Ze hadden gelijk dat ze ingrepen en de zaken niet op hun beloop lieten, want wat een van de ledematen van het lichaam doet heeft gevolgen voor het hele lichaam. Ze konden niet zeggen: “Wat zij doen, is hun zaak.”
 
Als de tweeënhalve stammen worden aangesproken op hun daden, geven ze een verklaring: 'We hebben het alleen maar uit voorzorg gedaan' (v.24a). Ze wilden ervoor zorgen dat hun kinderen hun geloof niet zouden verliezen.
 
De delegatie was tevreden met deze uitleg: 'Nu weten we dat de HEER in ons midden is, want u bent hem niet ontrouw geweest' (v.31).
 
Dit was een van de keren dat het goed was om bij elkaar te komen om te praten (v.32-33). Na het overleg 'zagen [de Israëlieten] ervan af tegen de Rubenieten en Gadieten ten strijde te trekken' (v.33).
 
We moeten ervoor waken om niet overhaast vijandige conclusies te trekken over andere christenen en kerkgenootschappen. Spreek niet achter hun rug kwaad over hen. We moeten bij elkaar komen om te praten en naar elkaar te luisteren. Als we dat doen kan veel verdeeldheid en onderlinge wrijving voorkomen worden.
 
In dit geval werd de verklaring geaccepteerd en loofden ze God in plaats van de gebruikelijke sceptische en cynische houding aan te nemen (v.33). Als we mensen verkeerd hebben beoordeeld, moeten we onze vergissing ruimhartig toegeven. Dat vraagt moed.
 

Heer, geef me de wijsheid om in te zien wanneer het belangrijk is om het gesprek aan te gaan, om te confronteren en te luisteren naar verklaringen. Help ons om verdeeldheid en onenigheid te voorkomen. Wilt u me helpen om liefdevol de confrontatie aan te gaan?
 

Pippa's bijdrage

Psalm 55:10-11


'In de stad zie ik geweld en strijd (...) In het hart van de stad heerst onheil en leed.'

Er is ook vandaag de dag nog zo veel ellende in de wereld.
 

afbeelding van Bible In One Year | bijbeljaar.nl
Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2017 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.