Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
Spreuken     Nieuwe Testament     Oude Testament

Zeven manieren om te groeien in wijsheid

10 april - dag 100

Lawrence of Arabia is een van de succesvolste films ooit. Een groot deel van de film is gebaseerd op het verslag van zijn jaren in Arabië dat T.E. Lawrence zelf heeft geschreven. Hij was een Brits archeoloog, militair strateeg (hij werd kolonel op zijn 30ste) en schrijver. Het bekendst is hij vanwege zijn legendarische oorlogshandelingen in het Midden-Oosten tijdens de Eerste Wereldoorlog. In zijn memoires verkent Lawrence het thema wijsheid. Hij schreef dit boek in 1926 en gaf het de titel 'De zeven zuilen van wijsheid'.
 
Waarschijnlijk had Lawrence het gedeelte voor vandaag in zijn achterhoofd: 'Wijsheid heeft haar huis gebouwd, zeven zuilen heeft ze uitgekapt' (Spreuken 9:1). In de Schriften staat het cijfer zeven vaak voor volmaaktheid of perfectie. In het boek Spreuken, de leer van Jezus en in de Bijbel in het algemeen zien we veel manieren om te groeien in wijsheid. Zeven hiervan komen aan bod in de gedeelten voor vandaag.

1. Omgaan met kritiek


Als we kritiek krijgen, heeft het geen zin om te reageren als de criticus ons alleen maar belachelijk maakt (v.7). Als we wel dat doen, zullen ze alleen maar een grotere hekel aan ons krijgen. Maar het is wel nuttig om te reageren op de 'wijze'.
 
We moeten nooit op kritiek reageren met terechtwijzing, verwijten of door de criticus de les te lezen (vv.7-8). We moeten ervan leren, zodat we 'wijzer' worden en ons inzicht groter wordt (v.9). Sterker nog, onze reactie op verwijten moet 'waardering' zijn (v.8b).
 
Dit is bepaald niet eenvoudig – mijn natuurlijke reactie op kritiek is vaak om van me af te bijten of om te proberen mezelf te rechtvaardigen. Toch is het wijs om te proberen te leren van het verwijt of de les, hoe moeilijk dat ook is.
 
Zo heb ik in de loop van de jaren gemerkt dat sprekers die het niet fijn vinden om kritiek te krijgen, zelden beter worden. Sprekers die opbouwende kritiek verwelkomen en zich hierdoor niet bedreigd voelen, worden vaak snel beter en hebben veel meer invloed. Een goede band met God geeft je wijsheid (v.10) waardoor je kunt openstaan voor opbouwende kritiek en er je voordeel mee kunt doen.


Heer, geef me wijsheid om opbouwend te zijn als ik kritiek geef en open te staan voor kritiek van anderen.
 

2.  Reageren op lijden


In dit gedeelte zien we Jezus op twee verschillende manieren reageren op lijden. Jezus' reactie op mensen die lijden was altijd medelijden, zoals ook in het verhaal van de genezing van de kreupele vrouw (vv.10-16). Maar hier zien we ook zijn reactie op de vragen die opkomen bij het zien van 'leed'.
 
'Er waren op dat moment ook enkele mensen aanwezig die hem vertelden over de Galileeërs van wie Pilatus het bloed vermengd had met hun offers' (v.1). Sommige mensen gingen naar Jezus toe en vroegen Hem eigenlijk: “Waarom laat God mensen lijden?” “Was hun lijden het gevolg van hun zonde?”
 
Jezus reageerde uiteraard met grote wijsheid. Zoveel leed in de wereld is het gevolg van menselijke zonde. We zijn hier allemaal schuldig aan. Toch laat Jezus er geen twijfel over bestaan dat er geen direct verband is tussen zonde en lijden. Zij leden niet omdat ze meer gezondigd hadden dan alle andere Galileeërs (vv.1-2). Jezus wijst er ook op dat natuurrampen niet noodzakelijkerwijs een straf van God zijn (vv.1-5).
 
Het kan best goed voor ons zijn om in ons eigen hart te kijken als we lijden, maar we moeten heel voorzichtig zijn om te oordelen over anderen als zij lijden. Jezus was niet erg geïnteresseerd in filosofische verklaringen voor lijden. Hij was meer geïnteresseerd in onze reactie. Hij waarschuwt voor het gevaar: 'als jullie niet tot inkeer komen...'  (v.3).

3.  Snoeien en zaaien


De gelijkenissen van de vijgenboom (vv.6-9), het mosterdzaadje en de gist (vv.18-20) leren ons hoe dingen groeien in het koninkrijk van God. We zien wanneer dingen verzorging nodig hebben, wanneer we moeten stoppen met activiteiten en wanneer we aan projecten moeten beginnen.
 
God is geduldig en geeft mensen zoveel mogelijk tijd om te veranderen. Hoewel hij de neiging heeft om de vijgenboom om te hakken, geeft de man de boom nog één kans: 'Misschien zal hij dan het komende jaar vrucht dragen, en zo niet, dan kunt u hem alsnog omhakken' (v.9).
 
Het gaat erom dat je kijkt of de boom vrucht draagt (v.6). Als we kijken naar de vele vormen van dienstbaarheid in de kerk, zien we dat sommige heel veel vrucht dragen en andere minder. Het is heel verleidelijk om de minder vruchtbare initiatieven direct terug te snoeien. Maar Jezus maant ons om geduld te hebben: 'Misschien zal hij dan het komende jaar vrucht dragen' (v.9a). Het geduld is niet oneindig; er komt een moment waarop een vruchteloos initiatief moet worden gestopt (v.9b).
 
De gelijkenissen van het mosterdzaad (vv.18-19) en de gist (v.20) laten ons zien dat het koninkrijk van God klein begint, maar wel een enorme groeicapaciteit heeft. Na het zaaien groeide het zaad en werd een grote struik 'waar de vogels van de hemel in de takken kwamen nestelen' (v.19). Hier zien we hoe waardevol het is om het zaad van het koninkrijk te zaaien, bijvoorbeeld door kerken te planten. We moeten echter wel geduld hebben voordat we resultaat zien.
 

4. Weten wanneer je de confrontatie moet aangaan


Ik vind het persoonlijk heel moeilijk om de confrontatie aan te gaan. Jezus wist precies wanneer Hij de confrontatie moest aangaan. Hij legde de hypocrisie en dubbele maatstaven van zijn critici genadeloos bloot toen ze Hem kwalijk namen dat Hij een vrouw, die al achttien jaar lang kreupel was, genas op de sabbat. Hij legt uit dat medelijden belangrijker is dan het volgen van de regels. Als medelijden het uitgangspunt is voor de zorg voor dieren, dan zou het zeker het uitgangspunt moeten zijn bij de zorg voor mensen (vv.15-16).
 
Het antwoord van Jezus geeft blijk van zijn briljante wijsheid. De mensen vonden het prachtig (v.17).
 

5. Naar Jezus gaan


Als iemand Jezus vraagt: 'Zijn er maar weinigen die worden gered?' (v.23), geeft Hij een uiterst praktisch antwoord. Hij zegt: 'Doe alle moeite om door de smalle deur naar binnen te gaan' (v.24a). Hij zegt met andere woorden dat je niet eerst moet zorgen voor anderen, maar dat je ervoor moet zorgen dat je zelf het koninkrijk van God binnengaat. Je weet niet alles over iedereen, maar wel over jezelf.
 
In deze gelijkenis blijkt dat velen het huis, dat staat voor het koninkrijk van God, niet binnen kunnen gaan. Dit komt doordat ze geen persoonlijke band met Jezus hebben. Tot twee keer toe zegt de heer des huizes, die staat voor Jezus, tegen degenen die zijn buitengesloten: 'Ik ken jullie niet, waar komen jullie vandaan?' (vv.25,27). Als je deel wilt uitmaken van het koninkrijk van God, moet je naar Jezus toegaan en Hem leren kennen.
 
Het blijkt dat mensen die hadden gedacht naar binnen te kunnen, buitengesloten worden, maar we zien ook dat er meer mensen worden binnengelaten dan gedacht. 'Uit het oosten en het westen en uit het noorden en het zuiden zullen ze komen, en ze zullen aan tafel genodigd worden in het koninkrijk van God' (v.29). Het is wijs om naar Jezus te gaan en Hem te volgen, ook als het lijkt alsof we in de minderheid zijn.


Heer, vandaag vraag ik om wijsheid bij alle gesprekken die ik voer en alle beslissingen die ik neem. Vervul mij vandaag met uw Heilige Geest en geef me de wijsheid van Jezus.
 

6. Profetieën beoordelen


We hebben wijsheid nodig om echte en valse profeten te herkennen. Hedendaagse 'profeten' zijn niet alleen mensen met de 'gave van profetie', maar ook iedereen die spreekt 'in de naam van de Heer', zoals dominees, pastoors, leraren en evangelisten. In al deze gevallen moeten we de ware profeten onderscheiden van de valse.
 
In dit gedeelte lezen we over een van de oudtestamentische testen van de ware profeet. Ook al doet een profeet tekenen en wonderen, op het moment dat hij oproept om andere goden te volgen wordt het volk gewaarschuwd: 'Luister dan niet naar de woorden van die profeet of naar hem die die dromen heeft!' (13:2-3a, HSV). Met andere woorden, de mensen moesten de profeet beoordelen op zijn onderwijs, of hij het volk naar God toe leidde of bij Hem vandaan. Jezus zegt: 'Aan hun vruchten zul je hen herkennen' (Matteüs 7:15-23).

 

7. God vereren


Je bent een kind 'van de HEER, uw God' (Deuteronomium 14:1) en Gods volk is gewijd aan de Heer (v.2a). Het volk is 'uitgekozen (...) om zijn kostbaar bezit te zijn' (v.2b). Onder het oude verbond betekende dit dat er strenge regels golden voor wat er wel en niet gegeten mocht worden. Onder het nieuwe verbond heeft Jezus alle voedsel rein verklaard (Marcus 7:19).
 
Onder zowel het oude als het nieuwe verbond is geven een van de manieren waarop je God kunt vereren (Deuteronomium 14:22-23). Het is een zegen om te geven. God zegent jou terwijl jij anderen zegent zodat jij andere mensen kunt zegenen (v.29c). God belooft ons hier in het bijzonder om ons te zegenen in ons werk (v.29). Gods visie voor zijn volk is dat het een gemeenschap vormt waarin over en weer wordt gegeven. In het gedeelte van Spreuken voor vandaag lazen we dat eerbied voor de Heer het begin van wijsheid is (Spreuken 9:10). En 'als je wijs bent, heb je er zelf voordeel van' (v.12).


Heer, dank U dat ik uw kostbare bezit ben. Help me om iedere dag te groeien in wijsheid.
 

Pippa's bijdrage


Ik heb niet een hele rits academische titels en put daarom troost uit deze verzen: 
 
'Onnozele mensen, kom toch deze kant op (...) Wees niet langer zo onnozel, leef, en betreed de weg van het inzicht (...) Wijsheid begint met ontzag voor de HEER' (Spreuken 9:4,6,10).
 
Ik probeer om niet meer zo onnozel te zijn en te streven naar wijsheid!
 

Vers van de dag
Deuteronomium 14:2

'... u heeft [de HEER, uw God] uitgekozen om (...) zijn kostbaar bezit te zijn.'
Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2018 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.