Copy
Je dagelijkse mail van bijbeljaar.nl
Bekijk deze mail in je browser
 Psalm     Nieuwe Testament     Oude Testament

Een dankbare houding 

4 oktober - dag 277
Jean Smith vertelde me haar verhaal. Ze was halverwege de zestig. Ze kwam uit Cwmbran in Wales. Ze was al zestien jaar blind. Ze had een blindenstok en een geleidehond, Tina. Een infectie had het netvlies en het weefsel achter haar ogen weggevreten en de schade was onherstelbaar. Ze had altijd pijn.
 
Jean ging naar Alpha bij haar in de buurt. Ze gingen samen een dag weg om zich te richten op het werk van de Heilige Geest. Die dag verdween de pijn. Ze ging de volgende zondag naar de kerk om God te bedanken. De voorganger zalfde haar met olie. Toen ze de olie wegwreef, zag ze de avondmaalstafel. God had Jean op een wonderbaarlijke manier genezen.
 
Ze had haar man al zestien jaar niet gezien. Ze verbaasde zich erover hoe wit zijn baard was! Ze had haar schoondochter nog nooit gezien. Haar kleinzoon van zes en een half was gewend om haar altijd te helpen om de plassen te ontwijken zodat haar voeten niet nat werden.
 
Hij vroeg haar: “Wie heeft dat gedaan, oma?”
Zij antwoordde: “Jezus heeft me beter gemaakt.”
“Ik hoop dat je dankjewel hebt gezegd, oma.”
“Ik bedank Hem de hele tijd en blijf dat altijd doen”, antwoordde ze.
 
Gisteren lazen we Paulus' bemoediging: ‘Vertel God al uw problemen en verlangens en vergeet vooral niet Hem te danken voor alles wat Hij doet' (Filippenzen 4:6, HB). Vandaag zien we hoe hij zijn eigen aanwijzingen in praktijk brengt. Net als Jean bedankte Paulus God voortdurend. Hij had een dankbare houding.
 
Lofprijzing is God eren om wie Hij is. Danken is God eren om wat Hij voor ons heeft gedaan. Dankbaarheid is de bril waardoor we ons hele leven zouden moeten bekijken. Uiteindelijk kunnen we de wereld in twee groepen verdelen, zoals we lezen in de gedeelten voor vandaag: mensen die God erkennen en Hem danken en mensen die dat niet doen.
 
Hoe ontwikkel je een dankbare houding?
 

1. Breng een dankoffer in het openbaar

Het is niet genoeg om God te danken in de beslotenheid van je eigen huis. Het is zinvol om samen te komen en God in het openbaar te danken 'in het bijzijn van heel zijn volk' (v.14). De psalmdichter stelt een retorische vraag: 'Wat zal ik op mijn beurt aan de HEER geven voor al het goede aan mij besteed?' (v.12, WV).
 
God is zo goed voor hem geweest. Hij is dankbaar dat de Heer zijn boeien heeft verbroken (v.16).
 
Soms is het gemakkelijk om dankbaar te zijn. Andere keren voelt het meer als een offer (v.17). Johannes van Avila (1500-1569) schreef: 'Een dankbetoon op een moment dat het niet goed met ons gaat is even veel waard als duizend dankbetonen als de dingen gaan zoals we graag zouden willen.'
 
De psalmdichter zegt: 'Ik zal de Heer offers brengen, ik zal hem danken, ik zal hem eren. Ik zal alles doen wat ik beloofd heb, en heel Gods volk zal dat zien, iedereen in de tempel van de Heer, midden in Jeruzalem. Halleluja!' (vv.17-19, BGT). Halleluja is een van de weinige Hebreeuwse woorden die hun weg hebben gevonden in de Nederlandse taal. Het is een oproep om de Heer te loven.
 
De psalmdichter herinnert zich zijn ellende en angst (vv.1-4). Hij denkt aan Gods genade (vv.5-11) en eindigt de psalm in grote dankbaarheid (vv.12-19).
 

Heer, hoe kan ik U ooit bedanken? Dank U dat U mij hebt gered. Ik zal U danken voor al uw goedheid in 'het huis van de HEER' (v.19).
 

Bekijk meer over de impact van Alpha op alphanederland.org/impact.

2. Bedank God steeds weer

Zelfs in onze seculiere maatschappij zijn de meeste mensen het erover eens dat Jezus een grote historische figuur was. Hij past in het rijtje van Mozes, Boeddha, Socrates en andere belangrijke religieuze leiders.
 
Maar is Jezus de unieke en universele Redder van de wereld? Net als in onze tijd was dit in de eerste eeuw een vraagstuk. In Kolosse werd Jezus op dezelfde waarde geschat als een aantal kosmische krachten.
 
In zijn brief zegt Paulus in alle bescheidenheid en mildheid dat Jezus de unieke en universele Redder van de wereld is. Het is de God en 'Vader van onze Heer Jezus Christus' (v.3) die al onze aanbidding, lof en dank waard is.
 
Als hij bidt voor de Kolossenzen, dankt hij God voor hun geloof en liefde die voortkomen uit de hoop op wat in de hemel voor hen gereedligt (v.5).
 
Hij bidt dat ook zij, op hun beurt, God dankbaar zijn. Hij noemt een aantal manieren waarop hij bidt dat hun geloof mag groeien. Hij vraagt om 'de wijsheid en het inzicht die zijn Geest u schenkt', om vruchtbaarheid, om 'kracht (...) om alles vol te houden en alles te verdragen' en dat ze Gods wil ten volle mogen leren kennen. De lijst werkt toe naar een hoogtepunt, waarbij elke wens de volgende inleidt en eindigt met vreugdevolle dankbaarheid aan de Vader (vv.9-12).
 
Paulus bidt dat ze de Vader zullen bedanken dat Hij hen heeft 'gered uit de macht van de duisternis' en dat Hij hen heeft 'overgebracht naar het rijk van zijn geliefde Zoon die ons de verlossing heeft gebracht, de vergeving van onze zonden' (vv.13-14). 'Hij redde ons allemaal uit de macht van het kwaad. En hij bracht ons in de nieuwe wereld van zijn Zoon Christus, van wie hij zo veel houdt. Omdat we bij Christus horen, zijn we gered en zijn onze zonden vergeven' (vv.13-14, BGT).
 
Degene die je moet bedanken is het 'Beeld van God, de onzichtbare' (v.15). 'Christus heeft ons laten zien wie God is, door hem werd God zichtbaar' (v.15, BGT). Jezus is degene die alle dingen heeft gemaakt. Alles is door Jezus en voor Jezus gemaakt. 'Alles is door hem en voor hem geschapen' (v.16). Jezus is het hoofd van de kerk (v.18). 'God heeft volledig in hem willen wonen' (v.19, GNB).
 
Jezus heeft verzoening met God bewerkstelligd 'met zijn bloed aan het kruis' (v.20). Hij heeft je verzoend met God (v.22a). Je kunt nu heilig voor Hem staan (v.22b, GNB).
 
Dit is het evangelie waarvoor we God bedanken: Jezus 'is belangrijker dan alles en iedereen. Alles is op hem gericht. Christus is het hoofd van de kerk. Met hem is de kerk begonnen, toen hij als eerste opstond uit de dood. Alles is met hem begonnen! (...) het goede nieuws dat verteld is aan jullie en aan alle andere mensen op aarde' (vv.17–23, BGT).
 

Heer Jezus, dank U voor de vrede en verzoening met God die U voor mij heeft bewerkstelligd met uw bloed aan het kruis. Dank U dat U ons het enorme voorrecht geeft om dit evangelie te verkondigen en te zien hoe andere mensen worden bevrijd.
 

3. Vergeet niet te danken

De woorden van Paulus in Romeinen 1 zouden we kunnen zien als een samenvatting van dit gedeelte: ‘... hoewel ze God kennen, hebben ze hem niet de eer en de dank gebracht die hem toekomen’ (Romeinen 1:21).
 
In Jeremia zien we Gods waarschuwing voor zijn oordeel over zijn volk. Ze deden wat slecht is in de ogen van de Heer (Jeremia 7:30). 'Jullie blijven ongehoorzaam, jullie blijven mij ontrouw. (...) Niemand zegt: 'Dat had ik nooit mogen doen!' ' (8:5-6, BGT). '... ze schamen zich nergens voor. Ze weten niet eens wat schaamte is' (v.12, BGT). '... ze stapelen wandaad op wandaad en willen van mij niets weten' (9:2). 'Onderdrukking volgt op onderdrukking, bedrog op bedrog. Ze willen van mij niets weten' (v.5).
 
'Want hun tongen zijn net dodelijke speren. Zij praten vriendelijk met hun naasten, terwijl zij van plan zijn hen te doden' (v.8, HB). De oorsprong van hun zonde was dat ze weigerden God te erkennen en Hem te danken; 'zij geven niets om Mij' (v.3, HB).
 
God had hun zo veel gegeven, en toch wilden ze niets van Hem weten en Hem niet bedanken. Daarom zegt Hij: '... alle goede dingen die Ik hun had gegeven, zullen van hen worden afgenomen' (8:13d, HB). 'Er zullen geen druiven meer in de wijngaarden groeien en geen vijgen meer aan de vijgenbomen. De bladeren verdorren. Alles wat ik jullie gegeven heb, raken jullie kwijt' (v.13, BGT).
 
Dit oordeel is heel pijnlijk voor Jeremia: 'Getroffen ben ik door de wond van mijn volk, ik ga in het zwart gehuld, ontzetting grijpt mij aan. Er is toch balsem in Gilead, daar zijn toch heelmeesters? Waarom geneest mijn volk dan niet?' (vv.21-22).
 
In alle gedeelten voor vandaag worden we opgeroepen om God te danken en te loven. We kunnen dat bijvoorbeeld doen door al onze gedachten en gebeden samen te vatten met de woorden van de dienst van de tafel:


Laten we de Heer onze God danken.
Het is goed om Hem te danken en te loven.
 
Het is werkelijk goed.
Het is onze plicht en onze vreugde,
overal en altijd
om U, onze heilige Vader, de hemelse Koning
de almachtige en eeuwige God
te loven en te danken
door Jezus Christus uw Zoon, onze Heer.
 
Daarom, met engelen en aartsengelen,
met alle hemelbewoners,
verkondigen wij uw grote, glorierijke naam,
loven we U voor eeuwig met de woorden:
 
Heilig, heilig, heilig,
Heer God almachtig,
hemel en aarde zijn vol van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
 

Pippa's bijdrage

Psalm 116:15


'Met pijn ziet de HEER de dood van zijn getrouwen.'

Bij al het gruwelijke nieuws dat ons bereikt van zoveel mensen die op afschuwelijke wijze het leven verliezen in Syrië en andere landen, is het een troost dat we weten dat God al deze mensen kent en Zich om hen bekommert.
 

Vers van de dag
Kolossenzen 1:13

'Hij heeft ons gered uit de macht van de duisternis en ons overgebracht naar het rijk van zijn geliefde Zoon...'
Forward
Share
Tweet
Share
+1
Copyright © 2018 Alpha Nederland, All rights reserved.



Afzender: Alpha Nederland - BiOY@alphanederland.org
Je ontvangt dagelijks deze mail met een vertaling van Bible in One Year 2017.